Ieder weekend klinken er verhalen uit de Bijbel tijdens Vieringen in de kerk. Bij deze eeuwenoude verhalen worden door de voorgangers gedachten uitgesproken tijdens de verkondiging. U vindt hieronder bijbelverhalen en de verkondiging van Pastoor Bert Mom van:

 
Kruisverheffing
14 september 2008
 
 

Jaarlijks viert de kerk op 14 september het feest van Kruisverheffing, dat ontstaan is in het jaar 329. Volgens een vrome traditie vond keizerin Helena in 326 het kruis van Jezus in Jeruzalem, waarna de pelgrims toestroomden. Dit feest plaatst de betekenis van het kruis centraal. De verkondiging in het weekend 13 en 14 september 2008 stond dan ook in het teken van Kruisverheffing.

Wanneer je in een museum de overblijfselen bewondert van de oude Griekse of Romeinse cultuur, dan kom je ook beelden tegen van hun goden en godinnen. In marmer en steen werden ze uitgehouwen:
een oorlogsgod die kracht uitstraalt, een gespierde boodschapper God die blaakt van gezondheid of een godin met volmaakte schoonheid.

Wanneer je kijkt in onze kerken, dan zie daar iets heel ánders.
Geen krachtpatser, geen verblindende schoonheid.
Nee, het centrale symbool van ons geloof is een heel ander.
Of je nu komt in een grote kathedraal, of in een kleine kapel.
Overal kom je midden in de ruimte het kruis tegen.

We zien in het hart van onze kerk een lijdende mens, op de grens van leven en dood.
Iemand die gebroken is en uitroept: “Ik voel me verlaten!” “Ik heb dorst!”
Het kruis raakt het hart van Christelijk leven.

Want wie kijkt naar het kruis, wordt er telkens weer aan herinnerd, dat er lijden en verdriet is in onze wereld.
Dat er naast het beeld van een volmaakte, gezonde, stralende mens,
ook zorgen, verdriet, ouderdom en sterven zijn.
Het gaat er niet om, dat het lijden verheerlijkt zou worden.
Maar het teken van het kruis is een voortdurende herinnering,
zodat mensen zich niet alleen hoeven te voelen in hun ziekte en lijden.
Een herinnering, dat het niet vanzelfsprekend is om gezond te zijn.

Juist in onze samenleving kan het kruis je aan het denken zetten.
Want het lijkt wel eens alsof de oude afgoden van de Romeinen opnieuw tot leven zijn gekomen. Op de televisie, in de reclame, zien we vooral mensen die succesvol zijn, die kracht uitstralen, met volmaakte lichamen. Alleen zij lijken mee te tellen.
En die andere kant van het leven, van oud worden, ziek en afhankelijk,
die wordt nogal eens weggeschoven.
Dat is ook wat heel wat mensen vertellen, die geslagen werden door het leven.
Dat het zo’n pijn kan doen, wanneer je vergeten wordt,
of afhankelijk bent van een ander.
Wanneer de wereld om je heen verder draait en jij niet mee kunt.
Wanneer mensen over je praten, in plaats van met je te praten.

Juist in die samenleving, kan het teken van het kruis ons veel leren.
Als een voortdurende herinnering.
Want wanneer je Jezus navolgt, dan staan ouderen en zieken niet aan de kant,
maar in het midden, in het hart van de gemeenschap.

Vanuit die overtuiging mogen wij zieken en ouderen opzoeken,
je familielid, je medeparochiaan, of je buur.
Wanneer het leven breekbaar wordt, dan moet je het met nog meer zorg behouden
en met nog meer aandacht omringen.

Zo is het een prachtig gebaar wanneer een zieke of gezalfd wordt.
In de gemeenschap van Jezus worden zij niet aan de kant geschoven,
maar gezalfd met kostbare olie.
Met een kruis op hun hoofd en handen zeggen wij dat wij hen niet loslaten,
dat zij bij onze gemeenschap horen.
Dat is de horizontale lijn (-) van het kruis, die ons met elkaar verbindt.

En daarbij vertellen wij over God,
want het kruis herinnert ons bovenal aan zijn trouw.
Dat is de verticale lijn (I) van het kruisteken.

Jezus heeft telkens weer gezegd:
“Kom tot mij, Ik wil je last helpen dragen en verlichten!”
“Vrees niet, Ik ben altijd bij je!”
Dat is een belofte waaraan Hij trouw is geweest tot het uiterste toe,
zoals het kruis ons vertelt.

Jezus leert ons niet dat God de vriend is van ziekte of verdriet.
Want God wil niet dat wij lijden.
Nee, God is de vriend van de méns die ziek is, die verdrietig is of lijdt.
Hij staat steeds weer aan onze kant.

De negerslaven bezongen dat in vroeger tijden in hun liederen.
Zij zongen over het kruis, want dat gaf hun troost.
Zij zongen “Nobody knows the trouble I’ve seen, but Jesus”
Niemand heeft weet van mijn ellende, behalve Jezus.

Want Hij verbindt zijn leven met dat van ons, juist op die momenten waarop je alleen niet verder kunt en angst je verlamt.

Net zoals een trouwring een herinnering is  aan de belofte van trouw tussen man en vrouw, in lief en leed.
Zo is ook het kruis een belofte, een teken van trouw
tussen God en mens.
Het kruis is ook een uitnodiging aan ons, om elkaar niet los te laten op die moeilijke momenten.
Want in Gods Naam mogen wij tegen elkaar zeggen;

Ik wil luisteren naar je vragen,
je een antwoord helpen zoeken.
En zelfs als er geen antwoord is,
weet dan dat ik er ben.
Je mag je hart uitspreken.
Het moet niet, maar het kan.
Misschien volstaat het al om te weten
dat er iemand is
bij wie je terecht kunt,
die je nooit afschrijft,
hoe hopeloos je ook in de knoei zit.
Je mag komen,
want de deur van mijn hart
en die van mijn huis
zullen altijd voor jou openstaan.

Amen!

 

        
 
 
2018 Parochie Pey