Ieder weekend klinken er verhalen uit de Bijbel tijdens Vieringen in de kerk. Bij deze eeuwenoude verhalen worden door de voorgangers gedachten uitgesproken tijdens de verkondiging. U vindt hieronder bijbelverhalen en de verkondiging van Pastoor Bert Mom van:

 
Gezinsviering pater Damiaan
24 oktober 2009
 
 

Wij melaatsen”
 
Een viering rond wereldmissiedag
met aandacht voor de heiligverklaring van Pater Damiaan

Kerk van Pey, 24 oktober 2009


Openingslied: Hier in dit huis

Hier in dit huis met deuren en ramen,
met muren en buren en tijd voor elkaar.
Hier komen wij samen om het leven te vieren.
Hier staat een stoel voor iedereen klaar.

Refrein:
Hier in dit huis waar wij gast aan Gods tafel zijn,
eet en drink, brood en wijn.

Hier in dit huis weet ik mij welkom.
Hier komen gasten om verder te gaan.
Als we eten en drinken is God in ons midden.
In bidden en zingen schuift Hij bij ons aan.

Refrein:

Hier in dit huis, huis van traditie.
Hier klinken als nieuw verhalen van toen.
Verhalen van lijden, verhalen van liefde.
Zij leren ons nu het juiste te doen.

Refrein:

Hier in dit huis, samen met velen,
komen wij samen in Jezus’ naam.
Om in de maaltijd het wonder te delen.
Het leven dat God ons cadeau heeft gedaan.

Refrein:


Kruisteken en welkom

Inleiding (kind)

Heb je ook wel eens het gevoel gehad
dat je werd buitengesloten?
Dat je er niet bij hoorde?
Dat je niet mee mocht doen?

150 jaar geleden waren er mensen die precies dát voelden.
Ze woonden in Hawaï.
Dat klinkt als een vakantieland, met palmen en stranden.
Maar die mensen hadden maar weinig om van te genieten.
Ze hadden een ziekte, ze waren melaats.
Eerst kwamen er vlekken op hun huid,
daarna verloren ze het gevoel op die plekken,
totdat ze helemaal verminkt waren en dood gingen.
De melaatsen werden op een boot gezet
en naar een eenzaam eiland gebracht,
want de mensen waren bang voor besmetting.
Niemand wilde nog iets met hen te maken hebben.
Niemand?
Toch was er één man die van hen bleef houden.
Hij ging met de melaatsen mee en woonde tussen hen in.
Hij heette: Pater Damiaan.
Vandaag horen we over die heilige man.

 

Schuldbelijdenis

Pastoor: 
Wij luisteren nu naar uitspraken van pater Damiaan
en bidden om ontferming:

Kind 1: 
Pater Damiaan zei:
“Het is mijn grootste geluk
de Heer te mogen dienen
in de armen en de zieken
die door andere mensen verstoten zijn”.

Kind 2:
Ook in onze tijd blijven ogen gesloten
voor de nood van een ander.
Daarom zingen wij:

Allen: Heer, ontferm U

Kind 1:
Pater Damiaan zei:
“Zonder de aanwezigheid
van Jezus in mijn kleine kapel,
zou ik nooit mijn lot
aan dat van de melaatsen van Molokaï
blijvend kunnen verbinden”.

Kind 2: 
Ook wij hebben de kracht van Jezus nodig,
maar we denken misschien te weinig aan Hem.
Daarom zingen wij:

Allen: 
Heer, ontferm U

Kind 1: 
Pater Damiaan zei:
“Ik ben gelukkig en tevreden.
Ik blijf mijn hele leven bij de melaatsen”.

Kind 2: 
Ook op ons kan een beroep gedaan worden.
Hopelijk vinden wij de kracht
om er voor mensen in nood te zijn.
Daarom zingen wij:

Allen: Heer, ontferm U

Pastoor: 
Goede God, vergeef ons wanneer we nalieten om het goede te doen
en maak ons sterk om de weg van Jezus te volgen.


Glorialied

Eer zij de God van de hemel,
de Heer van de geschiedenis.
Eer zij de koning  der volken, gloria in excelsis.
Eer zij de Vader almachtig, de God  die hoog verheven is.
Wil onder mensen verkeren, gloria in excelsis!

Vrede bij mensen op aarde,
waar Hij al mee begonnen is.
Vrede bij de kleinen en groten, gloria in excelsis
Licht van de zon in de opgang verdrijft de grote duisternis.
Vrede bij mensen op aarde, gloria in excelsis!


Openingsgebed

God, vandaag herinneren we ons de naam van Pater Damiaan,
die zijn leven gewijd heeft aan een betere wereld
voor de armen en uitgestotenen.
Hij geloofde rotsvast in uw liefde voor alle mensen.
Wij danken U daarvoor en bidden U
dat wij zijn voorbeeld mogen navolgen,
vandaag en alle dagen van ons leven.
Amen.

 

Eerste Lezing (een vader en een moeder)

Damiaan werd geboren in een klein dorpje in België.
Hij had een grote droom.
Hij wilde namelijk missionaris worden,
om mensen in andere landen te vertellen over Jezus
en hen te helpen.
Daarom ging hij in een klooster wonen,
waar hij veel leerde over Jezus.
Zo hoorde Damiaan ook hoe Jezus klaarstond voor zieken
en armen:

Zingen:
Hij ging van stad tot stad en sprak
“tot u ben ik gezonden”,
voor zieken en gewonden
had Hij een woord, een onderdak.
Alles heeft Hij welgedaan,
tot wie zou ik anders gaan.

Op een dag was het zover, Damiaan mocht missionaris zijn.
Hij stapte op een groot schip om een lange reis te maken.
In Hawaï stapte hij van de boot af.
Dat land zag er heel anders uit dan België.
Het was er aangenaam warm en de palmbomen groeiden de lucht in.
Het leek wel een paradijs.
Maar Damiaan zag in de haven ook een boot vol met zieke mensen.
Dat waren de melaatsen.
Ze werden naar het eilandje Molokai gebracht,
om nooit meer terug te komen.
De melaatsen gingen daarheen om arm en ziek te sterven.
Niemand wilde daar vrijwillig naartoe.
Maar toen gevraagd werd of een missionaris met de boot meewilde, stak toch iemand zijn vinger op.
Het was Damiaan.
Hij zei: “Iemand moet toch voor die zieken zorgen!”
Dat had hij geleerd van de verhalen over Jezus:

Zingen: 
Hij gaf aan blinden het gezicht,
de nacht heeft Hij verdreven.
Gaf doden weer het leven,
waar Hij voorbij ging, werd het licht.
Alles heeft Hij welgedaan,
tot wie zou ik anders gaan.

Damiaan schrok wel toen hij aankwam op Molokai.
De mensen woonden in hutten van bladeren.
Niemand verbond hun wonden.
Niemand sprak hen moed in.
Niemand wilde voor hen bidden.
Pater Damiaan pakte zijn gereedschap en begon huisjes te timmeren.
Hij zocht de zieken op en droeg hen naar binnen.
Damiaan verbond hun wonden.
Wanneer iemand vroeg: “Waar is God toch?”
Dan zei hij: “God heeft mij gestuurd!”
Damiaan repareerde het kerkje.
Hij zat daar soms stil te bidden, of vierde de Mis met de mensen.
Dat gaf hem moed en kracht bij zijn zware taak.
Hij herinnerde zich dat Jezus zo bij ons blijft:

Zingen:
Daags voordat Hij gestorven is
heeft Hij het brood genomen:
“Hiertoe ben Ik gekomen,
doet dit tot mijn gedachtenis.”
Alles heeft Hij welgedaan,
tot wie zou ik anders gaan.

Er waren mensen die hoorden over het goede werk van pater Damiaan
en ze stuurden hem geld, hout om te timmeren en medicijnen.
Omdat hij tussen de melaatsen woonde, wist Damiaan dat hij ook besmet kon worden.
Op een dag zag hij de vlekken op zijn lichaam en wist het …
“Ik ben ook melaats!”
Toen de melaatsen naar de kerk kwamen voor de Mis,
keek hij naar hen en zei: “Wij melaatsen!”

Hij voelde zich één met de zieken, en bleef voor hen zorgen.
Net zolang totdat hij zelf hulp nodig had.
Gelukkig kwamen er eindelijk andere paters, zusters en dokters.
Damiaan stierf in zijn huisje, vlak bij het kerkje.
Nog steeds denken mensen graag aan hem.
Hij werd op 11 oktober “heilig verklaard”.
Daardoor is hij een voorbeeld voor iedereen die Jezus wil navolgen.
Damiaan bracht licht op donkere plekken.
Zijn voorbeeld kan ons helpen om hetzelfde te doen.

Zingen: 
En alwie Jezus’ naam belijdt
zal wonderen verrichten
en als een lamp verlichten
de lange gang van onze tijd.
Alles heeft Hij welgedaan,
tot wie zou ik anders gaan.


Evangelie volgens Marcus

Er kwam een melaatse op Jezus af, die om hulp vroeg.
Hij viel op zijn knieën en zei:
‘Als U wilt, kunt U me rein maken.’
Diep ontroerd stak Jezus zijn hand uit en raakte hem aan.
‘Ik wil het, word rein’, zei Hij.
Meteen verdween zijn melaatsheid, en hij werd rein.


Evangelielied: Alles is anders

Zie je soms het leven niet meer zitten,
gaan de dingen niet zoals je wou
kunnen ze alleen maar op je vitten,
dan heb ik een goeie raad voor jou.
Ga ermee naar Jezus, Hij is je beste vriend
ga ermee naar Jezus en dan zul je zien

Refrein:
Alles is anders, anders
alles is anders anders
alles is anders
ook al gaat het mis.
Alles is anders anders
alles is anders anders
alles is anders
als Jezus bij je is.

Ben je vaak onhandig en verlegen,
word je door de hele groep gepest
samen met je vriend kun jij ertegen,
want Hij is heel anders dan de rest.
Ga ermee naar Jezus, vertel Hem je verdriet
ga ermee naar Jezus, Hij verlaat je niet.

Refrein:


Samenspraak


Geloofsbelijdenis


Voorbede

Past. 
Pater Damiaan had het soms moeilijk, maar hij vond steeds weer steun als hij kon bidden.
Laten wij vandaag ook bidden.

Kind: 
Denken we vandaag aan alle mensen die worden weggejaagd.
Dat wij nooit iemand verstoten.
Laat ons bidden …

Kind: 
Denken we vandaag aan alle mensen die geen medicijnen kunnen krijgen.
Dat ook in arme landen mensen geholpen worden.
Laat ons bidden …

Kind: 
Denken we vandaag aan kinderen die altijd geplaagd en gepest worden.
Dat wijzelf daar niet aan medoen,
maar vriendschap met hen durven sluiten.
Laat ons bidden …

Past.: Intenties (…)


Past.: 
Goede God,
nu we zoveel over Pater Damiaan gehoord hebben,   
bidden wij dat we een klein beetje op hem mogen gaan ljken.
Dat wij niet bang zijn om goed te doen,
dat vragen wij in Jezus’ Naam.
Amen.


Offerande

Kind: 
Toen de jonge Damiaan naar Hawaii vertrok,
liet hij een foto maken.
Hij staat er op met een kruisbeeld in zijn hand.
Zo wilde hij laten zien dat Hij Jezus wilde navolgen.

Het kruis wordt op het altaar geplaatst

Kind: 
Pater Damiaan was iemand die graag timmerde.
Hij bouwde huisjes, een school en repareerde de kerk.
Maar vooral bouwde hij aan een betere wereld.

Een hamer wordt voor het altaar gelegd.

Kind: 
Damiaan probeerde van alles uit om de mensen die melaats waren te helpen.
Hij liet zelfs medicijnen uit Japan komen.
Zo deed hij alles om hun pijn te verzachten.

Een zalfpot wordt voor het altaar geplaatst.

Kind:
Een mens moet ook kunnen zingen en feest kunnen vieren.
Damiaan vroeg aan allerlei mensen om muziekinstrumenten te sturen.
Hij paste die dan zelf aan,
zodat mensen die sommige vingers misten, ze toch konden bespelen.
Hij richtte een fanfare op, die vaak speelde in de kerk.

Een blaasinstrument wordt voor het altaar gelegd.

Kind:
Damiaan was priester.
Elke dag vierde hij in zijn kerkje de Mis,
om dicht bij Jezus te zijn.
Net zoals wij het vandaag gaan vieren.

Brood en wijn worden naar het altaar gebracht


Offerandelied: Breken en delen

Refrein:
Breken en delen doe je met velen;
breken en delen dat gaat niet alleen.
Breken en delen doe je met velen;
Breken en delen maakt allen één.

De tafel van Jezus voor alle mensen:
armen en rijken, ziek en gezond.
Bij Jezus verdwijnen al deze grenzen.
Draag deze boodschap overal rond.

Refrein:

De tafel van Jezus staat in ons midden;
ieder is welkom, ieder die wil.
We komen hier samen om er te bidden.
Hier geldt de eenheid, niet het verschil.

Refrein:

Gebed over de gaven

Eucharistisch gebed

Communielied: Want je hebt een droom

Soms ben je alleen en een beetje bang misschien;
verlies je de moed ga je alles donker zien;
o ja je probeert maar ziet het de mist ingaan
en dan, dan komt het er op aan

Refrein:
want je hebt een droom dat alles anders kan
dat niets je tegenhoudt je weet: het komt ervan
want je hebt een droom die altijd sterker is
dan alle duisternis ja, je hebt een droom.

En kijk om je heen in je eigen buurt misschien;
je ziet er zoveel die het eig’lijk ook niet zien;
ze staren zich blind op wat er is misgegaan
en dan, dan komt het er op aan

Refrein:

En wat kun je doen; is het niet teveel misschien
wat ziet het eruit het is niet om aan te zien:
de wereld is ziek hoe kan het beter gaan?
Dus toch, dus komt het er op aan

want je hebt een droom dat alles anders kan
dat niets je tegenhoudt je weet: het komt ervan
ja je hebt een droom die altijd sterker is
dan alle duisternis ja je hebt een droom. droom.


Slotgebed (allen)

Pater Damiaangebed

God, onze Vader,
wij danken u voor pater Damiaan.
Om Jezus, uw Zoon te volgen
Is hij naar Molokai gegaan,
naar de uitgestoten lepralijders.
Hij is één van hen geworden.
Hij heeft ze hun menswaardigheid
teruggeschonken.
In hem is duidelijk geworden
hoezeer U van alle mensen houdt.
Geef ons kracht en moed
om in Damiaans voetspoor te gaan,
en moge zijn geloof het onze worden.
Leer ons oog en hart te hebben
voor mensen die niet meetellen
of buitenspel zijn gezet.
Laat hen door ons ontdekken wie U bent:
De Goede God, die ons blijft liefhebben,
vandaag en alle dagen, tot in eeuwigheid.
Amen.

Zending en zegen

Slotlied: Je wereld delen

Refrein
Hé, hé,  jij bent niet alleen.
We zijn hier met zovelen.
Hé, hé, kijk maar om je heen:
je kunt de wereld delen.
Het is een klein gebaar.
je kunt de wereld delen met elkaar.

1. We spelen in dezelfde zon
met een blos op ons gezicht
De stralen en de warmte
komen van datzelfde licht.
We ademen dezelfde lucht,
zien ook sterren in de nacht.
Die schijnen hier en flonk’ren daar.
Wat is dat mooi bedacht!    

2. Maar toch gaat het niet eerlijk toe:
‘jij hebt weinig; ik heb veel’.
Dus kijk ik wat ik heb voor jou,
zodat ik daarvan deel.
Ik geef je zo een beetje zon:
warme stralen, licht van mij.
Misschien maakt jou dat – ver van hier –
een heel klein beetje blij.

Want we spelen in dezelfde zon;
kijken naar hetzelfde licht.
Daarom gun ik jou en iedereen
de zon op zijn gezicht.
Want we spelen in dezelfde zon;
kijken naar hetzelfde licht.
Daarom gun ik jou en iedereen
de zon op zijn gezicht.  


 
De eerstvolgende gezinsviering zal zijn op
zaterdag 28 november om 19.00 uur.
We steken dan het eerste kaarsje aan op de Adventkrans.

Je bent welkom!

 

        
 
 
2017 Parochie Pey