Ieder weekend klinken er verhalen uit de Bijbel tijdens Vieringen in de kerk. Bij deze eeuwenoude verhalen worden door de voorgangers gedachten uitgesproken tijdens de verkondiging. U vindt hieronder bijbelverhalen en de verkondiging van Pastoor Bert Mom van:

 
Achttiende zondag door het jaar B
4 en 5 augustus 2018
 
 

Schriftlezingen:

Exodus 16, 2-4.12-15
Johannes 6, 24-35

Verkondiging (preek):

Tijdens een vormingsbijeenkomst voor pastores,
begon de begeleidster met te vragen hoe we met vakantie gingen.
Hoe bereid je je daarop voor?
Wat neem je mee?
Wat heb je nodig?
En wat dénk je nodig te hebben?

De één ging nauwelijks van huis
en de ander had al de halve wereld gezien.
Je kunt je vakantie tot in de puntjes voorbereiden,
of op de bonnefooi op reis gaan.
Je kunt koffers vol meeslepen,
of alleen het hoognodige.
Gaandeweg bleek, dat het ook iets vertelt over je persoon.
En zelfs over je manier van werken in de kerk.

Vaak slepen wij koffers met zekerheden mee.
Dan gaan we als kerk op weg,
met een hele bagage,
met vertrouwde woorden, eeuwenoude gebruiken,
vol verlangen om álles te bewaren.
Dat is op zich helemaal niet slecht,
maar je sleept je wel rot met zoveel bagage
en in je koffers is nauwelijks ruimte voor iets nieuws.

Als volk van God reizen wij al eeuwenlang.
Sommige  bagagestukken kunnen we niet missen.
Ze horen bij onze identiteit.
Het woord van de Bijbel.
De grote verhalen van onze traditie.
Sacramenten en dierbare rituelen.

Maar het is wel goed om zo nu en dan in onze koffers te kijken,
om ons af te vragen wat we écht nodig hebben
of wat versleten en uit de tijd is.
Sommige gebruiken en structuren waren ooit verfrissend en eigentijds,
ze hebben goede dienst gedaan,
maar hebben hun tijd gehad.

Een geloofsgemeenschap die alles alleen maar wil bewaren,
heeft geen aandacht meer voor wat vernieuwt en verfrist.
En daarmee verlies je uit het oog wat traditie is.
Het is niet alleen maar bewaren,
het is vooral ook doorgaan  … naar de toekomst leven …
het goede doorgeven en verstaanbaar maken.

Vandaag hoorden wij in de Eerste Lezing hoe het volk van God onderweg was.
Zingend en jubelend was het volk op weg gegaan.
Ze lieten Egypte achter zich, waar ze als slaven moesten werken:
“Op naar het Beloofde Land, de hemel zij dank!”

Maar hun voeten zijn nog maar net droog van de doortocht
over de bodem van de Rode Zee,
of het volk begint te morren en te klagen.
In Egypte waren zij slaven, maar er was tenminste wel genoeg te eten.
Sommigen verlangen zelfs terug naar die tijd.

En dan ontvangen zij voedsel uit de hemel.
Kwartels vallen naar beneden
en het regent broodkruim.
Het volk roept “manna” … dat betekent “wat is dat?”
Zo noemen zij het brood uit de hemel: "Manna".

Maar er iets bijzonders mee aan de hand.
Het volk mag slechts voor één dag brood verzamelen.
Langer is het niet houdbaar.
Wie zijn tassen volpropt met Manna, heeft de dag daarna bedorven voedsel.
Zo moet het volk leren, om te vertrouwen op God.
Om zonder teveel materiële zekerheden op weg te gaan,
maar wel met de gelovige zekerheid, dat God hen nooit in de steek zal laten.
De reis door de woestijn, kun je zien als één groot leerproces.

En ook wij moeten telkens weer leren hoe we volk van God kunnen zijn.
Hoe wij zó kunnen reizen,
dat wij verder kunnen
en verder komen.

De kerk, een bisdom of een parochie kan niet alles meenemen,
op reis naar de toekomst.
Want dan wordt je koffer zó zwaar, dat je onderweg strand.
Dan zal er alleen maar geklaagd worden:
“Waren wij maar thuis gebleven, hadden wij maar alles bij het oude gelaten”.
Zo verzuurt de Blijde Boodschap.

Ga daarom liever op weg met ruimte in je bagage, zodat God er iets aan toe kan voegen.

Reis vol hoop,
met het geloof dat God met ons meegaat
en ons zal voeden met inzicht en vertrouwen.
Laat je verrassen door de weg die voor je ligt,
vertel het Oude Woord van de Bijbel telkens weer,
zodat je een nieuwe taal vindt
om de reisgids van God te volgen.

Want we zijn geen reizend museum.
Wij zijn Gods volk
,
geroepen om deze wereld voor te gaan,
van slavernij naar bevrijding,
door de woestijn naar het Beloofde Land.

Amen!


Voorbede:

Pr. De ons gegeven tijd is deel van Gods eeuwigheid,
 daarom bidden wij:

Le. Voor allen die beroepsmatig onderweg zijn,
 dat zij veilig hun bestemming bereiken,
 en zich verantwoordelijk voelen voor de veiligheid van anderen.
 Laat ons bidden …
 
Le. Voor allen die een vakantiereis ondernemen,
 dat zij goed en gezond weer terugkeren
 en onderweg nieuwe energie opdoen.
 Laat ons bidden …
 
Le. Voor de gemeenschap van de kerk,
 die reist door de eeuwen heen.
 Dat het Woord van God ons op de toekomst richt.
 Laat ons bidden …

Le. Voor onze parochie
 en voor het cluster dat wij vormen.
 Dat wij goede reisgenoten zullen zijn
 voor ieder die bij ons aansluit.
 Laat ons bidden …

Pr. Intenties …

Pr. Zo bidden wij,
 in de Naam van Jezus,
 want Hij is de weg
 door tijd en eeuwigheid.
 Amen.


 

        
 
 
2018 Parochie Pey