Ieder weekend klinken er verhalen uit de Bijbel tijdens Vieringen in de kerk. Bij deze eeuwenoude verhalen worden door de voorgangers gedachten uitgesproken tijdens de verkondiging. U vindt hieronder bijbelverhalen en de verkondiging van Pastoor Bert Mom van:

 
Vijftiende zondag door het jaar (B)
12 juli 2009
 
 

Evangelie volgens Marcus:

Jezus riep de twaalf bij zich,
en begon hen twee aan twee uit te zenden,
en Hij gaf hun macht over de onreine geesten.
Hij gebood hun om niets mee te nemen voor onderweg
dan een stok – geen brood, geen reistas, geen geld in de beurs – 
wel sandalen aan te doen, maar geen twee stel kleren aan te trekken.
Hij zei tegen hen:
‘Als je bij iemand onderdak krijgt, blijf daar dan tot je weer verder reist.
En als je ergens niet ontvangen wordt,
en ze luisteren niet naar jullie, ga daar dan weg,
en stamp het zand van je voeten: een getuigenis tegen hen!’
Ze gingen op weg en riepen op tot bekering.
Ze dreven veel demonen uit, zalfden veel zieken met olie en genazen hen.

Verkondiging (preek)

In het jaar 494 loopt een jongeman de stad Rome uit.
Hij heeft daar gestudeerd en gewoond, maar nu keert hij zijn oude leven de rug toe.
Hij heeft genoeg gezien en gehoord.
In Rome heeft hij ervaren hoe oppervlakkig mensen kunnen leven
en hoe onrechtvaardig.
Hij zag hoe de één verspilde, wat de ánder tekort kwam.
Hij zag mensen die alleen voor zichzelf leefden.
De jongeman is misselijk van dat alles.
Daarom keert hij de stad de rug toe.
Hij zoekt naar een beter leven, hij zoekt naar evenwicht.

Die jongeman uit de vijfde eeuw heet Benedictus.
Hij ervaart iets dat ook jonge mensen uit onze tijd je soms vertellen.
Dat het anders moet.
Dat volwassenen niet altijd even slim zijn.
Dat ieder genoeg te eten moet hebben
en dat de wereld van iedereen zou moeten zijn.
Ook Benedictus heeft de verontwaardiging van de jeugd.
Maar bij hem gaat het verder.
Hij doet wat het Evangelie zei.
Benedictus stampt het oude stof van zijn voeten en zoekt naar nieuwe wegen.
Hij heeft niet alleen oog voor wat verkeerd gaat in de wereld,
maar zoekt naar wat hij zelf kan verbeteren.
Hij zoekt naar evenwicht, allereerst in zijn eigen leven.

Daarom loopt hij vanuit de stad naar de bergen.
Hij wil luisteren naar zijn hart,
naar zijn geweten,
naar de stem van God.
In de bergen vindt hij evenwicht.
Benedictus ontdekt dat een mens al die luxe niet nodig heeft,
die de samenleving ons aanpraat.
Hij heeft genoeg aan het levensnoodzakelijke.
Dat is een verrijkende ervaring.

Benedictus ontdekt het evenwicht …
tussen geven en ontvangen,
want hij geeft zijn oude leven op
en ontvangt brood en vriendschap van de mensen in de bergen.

Hij ontdekt het evenwicht …
tussen werken en bidden,
tussen inspannen en rusten,
tussen denken en doen.

Hij is er niet op uit, om indruk te maken op anderen,
maar dat gebeurt wel.
Andere jonge mensen komen naar hem toe, om van Benedictus te leren.
Dat gaat trouwens niet altijd even goed.
Sommigen koesteren hun bezit en aanzien zozeer,
dat ze innerlijk niet bevrijd kunnen worden.
Maar anderen ontdekken zelf het evenwicht in hun leven.

Zo groeien er monnikengemeenschappen rond Benedictus.
Hij schrijft voor hen een leefregel over evenwichtig leven.
De dag is ingedeeld in werk, gebed en rust.
Een monnik kreeg wat hij nodig had, zodat niemand meer bezat dan de ander.
Niemand had voorgoed dezelfde taak,
zodat niemand zich verheven zou voelen.
De taak van de één kon op een ander overgaan.

In zijn leefregel brengt Benedictus ook evenwicht aan tussen mensen
in het klooster en buiten het klooster.
Klopt een gast aan de deur, dan moet je die ontvangen alsof Jezus zelf op bezoek komt.
Zo zorgt hij ervoor dat de monniken zichzelf niet afsluiten van de wereld,
maar midden in de wereld leven, werken en geloven.

Zijn regel is de basis geworden van het kloosterleven in het Westen.
En dat heeft alles te maken met het evenwicht dat erin te vinden is.
Benedictus is de patroonheilige van monniken,
en ook van Europa.
Wat mij betreft zou hij ook de patroonheilige van jongeren mogen zijn.

Want Benedictus laat zien
hoe een oprecht ideaal van een jongere
een leven lang door kan klinken.
Hij laat zien dat je niet bezeten moet worden van bezit,
maar dat genoeg echt genoeg is.
Benedictus leert dat ieder mens even belangrijk is,
of hij nu abt is of broeder,
of je nou manager bent of met je handen werkt.
Het maakt de een niet beter of belangrijker dan de ander.

Soms moet je daarom de druk van onze samenleving achter je laten,
prestatiedrang en commercie de rug toekeren,
het stof van je voeten stampen en weggaan,
op zoek naar evenwicht.
Door te bidden en te werken,
door spreken en stil te worden,
door te geven en te ontvangen,
net zolang tot vrede en evenwicht in je leven zijn gekomen.

Amen!

 

        
 
 
2018 Parochie Pey