Ieder weekend klinken er verhalen uit de Bijbel tijdens Vieringen in de kerk. Bij deze eeuwenoude verhalen worden door de voorgangers gedachten uitgesproken tijdens de verkondiging. U vindt hieronder bijbelverhalen en de verkondiging van Pastoor Bert Mom van:

 
Dertiende zondag door het jaar (B)
27 en 28 juni 2009
 
 

Schriftlezing

Uit het heilig evangelie volgens Marcus

In die tijd, toen Jezus weer met de boot naar de overkant gegaan was, verzamelde zich een grote menigte bij Hem.
Dat was aan het meer.
Daar kwam Jarus aan, een van de synagogebestuurders.
Toen hij Jezus zag, wierp hij zich aan zijn voeten
en smeekte Hem dringend:
`Mijn dochtertje is doodziek.
Kom mee en leg haar de handen op,
zodat ze gered wordt en in leven blijft.'
Hij ging met hem mee.
Een grote menigte volgde Hem, en ze drongen tegen Hem op.
Er was een vrouw bij die al twaalf jaar aan vloeiingen leed.
Ze had veel te lijden gehad van allerlei dokters
en alles uitgegeven wat ze had, en er geen baat bij gevonden;
ze was er eerder op achteruitgegaan.
Omdat ze over Jezus gehoord had,
kwam ze door de menigte naar Hem toe
en raakte van achteren zijn kleren aan.
`Want', dacht ze, `als ik zijn kleren maar aanraak, zal ik gered worden.'
Meteen droogde de bron van haar bloed op,
en ze voelde aan haar lichaam dat ze van haar kwaal was genezen.
Maar Jezus, die zelf meteen voelde
dat er een kracht van Hem was uitgegaan,
draaide zich in de menigte om en zei:
`Wie heeft mijn kleren aangeraakt?'
Zijn leerlingen zeiden tegen Hem:
`U ziet hoe de menigte tegen U opdringt, en U zegt:
`Wie heeft Mij aangeraakt?'' '
Maar Hij keek rond om de vrouw te zien die dat gedaan had.
De vrouw werd bang en begon te beven,
omdat ze wist wat er met haar gebeurd was.
Ze kwam naar voren, wierp zich voor zijn voeten
en vertelde Hem de hele waarheid.
Maar Hij zei haar:
`Mijn dochter, uw vertrouwen is uw redding;
ga in vrede, en blijf van uw kwaal verlost.'
Hij was nog niet uitgesproken
of daar kwamen mensen uit het huis van de synagogebestuurder
om hem te zeggen:
`Uw dochter is gestorven. Wat valt u de meester nog lastig?'
Maar Jezus, die opving wat er gezegd werd,
zei tegen de synagogebestuurder:
`Wees niet bang, heb maar vertrouwen.'
Hij liet niemand met zich meegaan,
behalve Petrus, Jakobus en Johannes, de broer van Jakobus.
Ze kwamen bij het huis van de synagogebestuurder,
en Hij zag de drukte van huilende en rouwende mensen.
Hij ging naar binnen en zei:
`Waarom die drukte en die tranen?
Het kind is niet gestorven, het slaapt.'
Ze lachten Hem uit.
Maar Hij stuurde ze allemaal naar buiten,
nam de vader en moeder van het kind en zijn metgezellen mee,
en ze gingen het vertrek binnen waar het kind lag.
Hij pakte het kind bij de hand en zei haar:
`Talita koem.' In vertaling betekent dat: Meisje, Ik zeg je, sta op.
Meteen stond het meisje op en liep rond.
Ze was twaalf jaar. Ze raakten buiten zichzelf van opwinding.
Hij beval hun met nadruk dat niemand dit te weten zou komen,
en Hij vroeg hun om haar eten te geven.

Verkondiging (preek)

De opera I Pagliacci vertelt over een clown die het volk aan het lachen
moet brengen met zijn grappen en grollen.
Ook wanneer hij verdriet heeft en tegenslag,moet hij zich schminken en de grapjas uithangen.
En dan volgt een van de bekendste arias,
waarin de Paljas van buiten lacht en van binnen dikke tranen huilt.
Wanneer je luistert naar de muziek, dan hoor je de eenzaamheid
van een man die midden tussen een menigte mensen staat.

Wat in die opera dramatisch is weergegeven,dat kun je ook zelf wel eens ervaren.
Dat je omgeven bent door anderen en je toch eenzamer voelt dan ooit tevoren.

Zo een ervaring moet ook de vrouw gehad hebben over wie we hoorden in het Evangelie.
Zij staat midden in een nieuwsgierige en uitbundige menigte.
Overal kijken de mensen uit naar Jezus, als de attractie van de dag.
Ze hebben veel over Jezus gehoord,
die prachtig kan spreken en wonderen kan verrichten.
De menigte staat te popelen.
Wat zal Jezus vandaag voor bijzonders doen in hun straten?

En midden tussen die menigte staat een vrouw,
die zich waarschijnlijk eenzamer voelt dan ooit.
In het verborgene draagt ze een last, want ze lijdt aan bloedvloeiingen.
Ze heeft veel te lijden gehad, zo zegt het Evangelie.
De vrouw heeft heel haar bezit uitgegeven aan dokters,
voor behandelingen die haar meer hebben geschaad dan gebaat.
Ze lijdt in stilte.
Want het zal niemand zijn opgevallen wat voor een verdriet zij heeft.
Zeker niet wanneer ook nog het dramatisch bericht komt
dat het kind van een van de plaatselijke notabelen ziek is.

Dan durft de vrouw helemaal niet meer aan te komen met haar kwaal.
Midden in de menigte doet ze dan n ding.
Ze raakt de zoom van de kleding van Jezus even aan.
Dat kan toch niemand opvallen,
want aan alle kanten dringen de mensen tegen Jezus op.

Maar dan zet Jezus het verhaal stil.
Hij voelt dat er een kracht van Hem is uitgegaan, zo hoorden wij.
Jezus merkt dat er iets gebeurd is.

Midden in de menigte is er een bijzondere ontmoeting.
Jezus doorbreekt de eenzaamheid van de vrouw.
Niet langer vloeit het leven uit haar weg,
maar zij stroomt vol met de kracht die Jezus schenkt.
Hij kijkt haar in de ogen.
Hij wil haar laten weten dat zij er mag zijn,
met haar verdriet en haar hoop.

Dan eindigt de ontmoeting even abrupt als hij begonnen is.
Jezus moet verder, naar de volgende plaats waar Hij nodig is,
om een meisje uit de dood op te wekken.
Bijna niemand heeft gemerkt dat Hij even daarvoor ook de vrouw in de menigte
een nieuw leven heeft geschonken.
Zij is genezen.
Niet alleen lichamelijk, maar ook geestelijk.
Want nooit zal zij kunnen vergeten wat er gebeurde.
En aanraking met die Man uit Nazareth was voldoende om haar te verlossen
van haar ziekte n haar eenzaamheid.
En aanraking was voldoende om te weten dat zij niet alleen stond.
En aanraking zorgde ervoor dat onbeschrijflijke pijn vervangen werd
door het besef dat Iemand oneindig van haar houdt.
Die ervaring kunnen ook wij aan elkaar schenken.
Soms voelen wij ons net zoals die vrouw uit het Bijbelverhaal.
Dan hebben we het gevoel dat we alleen staan.
Dan lachen wij misschien van buiten, terwijl we huilen van binnen.
Juist op die momenten is het van levensbelang dat je mensen ontmoet
die doen wat Jezus deed:
hun hand uitsteken en een bemoedigend woord spreken.

Maar soms kan er ook van ns kracht uitgaan.
Dan kun je de dag van een ander goedmaken, met vriendelijkheid en aandacht.
Dan kun jj het zijn,
die een ander laat merken dat hij of zij niet alleen staat,
omdat je lasten wil helpen dragen.

Het begint ermee dat het leven van de n
dat van de nder raakt.
Jezus is ons daarin voorgegaan, toen Hij stilstond bij een zieke vrouw.

Zo wil Hij ook ons leven raken
zodat onze gebrokenheid geheeld wordt
om vervolgens met Hem deze wereld kunnen genezen.

Amen!

 

We zijn allemaal genezers die uit kunnen delen en gezondheid kunnen bieden n we zijn allemaal patinten die voortdurend hulp nodig hebben (Henri Nouwen).

 

 

 

        
 
 
2018 Parochie Pey