Ieder weekend klinken er verhalen uit de Bijbel tijdens Vieringen in de kerk. Bij deze eeuwenoude verhalen worden door de voorgangers gedachten uitgesproken tijdens de verkondiging. U vindt hieronder bijbelverhalen en de verkondiging van Pastoor Bert Mom van:

 
29ste zondaag door het jaar (A)
18 en 19 oktober 2014
 
 

Preek op Wereldmissiedag

Schriftlezingen:

Jesaja 45, 1.4-6
I Tessalonicenzen 1, 1-5b
Mattheus 22, 15-21

Verkondiging (preek):

Bij het voorbereiden van deze Viering
moest ik ineens denken aan pater Joep.
Een Nederlander die jarenlang werkte in Papua Nieuw Guinea.
Missionaris met hart en ziel,
zo bouwde hij aan de toekomst van de Papua’s,
als één van hen
en als rechterhand van de bisschop daar.

Toen hij op latere leeftijd terugkeerde naar Nederland,
voelde hij zich nog steeds missionaris.
Ook hier zoekt hij mensen op,
hij rustvrijwilligers toe
en brengt culturen bij elkaar.
De wereld is zijn parochie geworden.

Ooit werd hem gevraagd om een artikel te schrijven over Missie.
En Pater Joep vatte zijn levenswerk samen in één zin.

 “Missie dat is het verlangen
om van deze wereld, Gods wereld maken!”

Dat is kort en krachtig gezegd,
waarom het ook gaat op deze dag.
“Missie is het verlangen om
van deze wereld, Gods wereld maken!”

Onze opdracht als Christenen
plaatst je niet buiten deze wereld,
maar helpt je om zó in het leven te staan
dat de wereld tot een andere, betere plaats wordt.

Dat is de levenstaak van Missionarissen zoals pater Joep,
die de wereld intrekken
om in verre streken
het nieuws van Jezus te delen
en het leven van mensen te helen.

Maar het is ook de levenstaak van ieder
die er werk van wil maken om Jezus te volgen.
Wie in zijn voetstappen gaat,
wordt automatisch een missionaris.
Iemand die als geroepen komt
en zich laat zenden naar anderen.

Missie, dat is van deze wereld, Gods wereld maken.

Jezus maakte dáár zijn levenswerk van.
Hij kwam in deze wereld,
Hij leefde tussen mensen,
zag wat ze nodig hadden,
wat ze niet nodig hadden
en wat ze tekort kwamen.
Daardoor kon Hij wat de wereld Hem gaf zó gebruiken
dat het leven van mensen erdoor geheeld werd.

Vandaag kregen we daarvan een prachtig voorbeeld.
Jezus wordt geconfronteerd met iets heel werelds.
De leiders van het volk beginnen over geld te praten.

“Meester,
zo spreken ze Hem aan,
“wij weten dat U van de waarheid houdt
en dat niemand U daarvan af kan brengen.
Daarom hebben wij een vraagje:
“Mogen wij belasting betalen aan de keizer, of niet?”
Hun vraag klinkt onschuldig,
maar is erop gericht om Jezus een hak te zetten.
Zegt Jezus:
“Ja, je moet belasting betalen!”, dan zullen ze roepen:
“Zie je wel, Jezus is de vriend van de Romeinen die ons land onderdrukken!”

Zegt Jezus:
“Nee, je mag geen belasting betalen aan de Romeinen”,
dan zullen ze dat doorvertellen aan de bezetters
zodat Hij als een oproerkraaier opgepakt zal worden.

Maar Jezus ziet wel wat ze doen.
Daarom zegt Hij:
“Heeft iemand van jullie een munt op zak?”
De vragenstellers kunnen Hem zo een Romeins geldstuk overhandigen.

Op zich is dat al vreemd,
want vrome Joden betaalden niet met dat geld.
Op Romeinse munten stond namelijk de keizer,
die zichzelf tot een god had uitgeroepen.
Gelovige mensen weigerden zelfs om naar zo’n munt te kijken.

Maar de deftige heren die de mond vol hebben van God,
blijken dat geld wel op zak te hebben.
Eer ze het in de gaten hebben, zet Jezus ze te kijk.
“Wie staat er op jullie geld?”
“De keizer”, roepen zij.

En dan volgt het antwoord van Jezus:
“Geef dan aan de keizer, wat van de keizer is
en aan God wat van God is!”
Letterlijk staat er in de Bijbel:
“Geef terug aan de keizer, wat van de keizer is
en geef terug aan God, wat van God is!”
Wat van de keizer was,
dat was de onderdrukking door het Romeinse leger
en de armoede die veroorzaakt werd
door de belastingen die betaald moesten worden.
Het geld van de keizer maakte enkelen rijk en velen arm,
het verwoeste en verziekte.

Wat van God komt is, is van een heel andere waarde.
God vraagt om zorg te dragen, om te delen,
om armen onder de armen te nemen,
om op te bouwen en te genezen.

Daarom zegt Jezus:
“Geef terug aan de keizer, wat van de keizer is
en geef terug aan God, wat van God is!”
Neem afstand van een wereld die alléén maar in geld denkt,
die oorlog voert om bezit en armoede tolereert.
Geef dat maar terug aan de keizer en aan de machthebbers.

En geef aan God:  je menslievendheid, je solidariteit, je bewogenheid.
Dan volg je de uitnodiging
om van deze wereld, de wereld van God te maken.

Je komt geroepen in een wereld
waarin geld en macht regeren,
je wordt gezonden in Gods Naam
om die wereld om te keren.

Waar genoeg genoeg zal zijn,
hoort honger bij het verleden.
Dan is Gods wereld niet ver,
maar begint hier, nu, heden.

Amen!

 

        
 
 
2017 Parochie Pey