Ieder weekend klinken er verhalen uit de Bijbel tijdens Vieringen in de kerk. Bij deze eeuwenoude verhalen worden door de voorgangers gedachten uitgesproken tijdens de verkondiging. U vindt hieronder bijbelverhalen en de verkondiging van Pastoor Bert Mom van:

 
22ste zondag door het jaar (A)
30 en 31 augustus 2014
 
 

Schriftlezingen:

Jeremia 20, 7-9
Mattheus 16, 21-27

Verkondiging (preek):

Een ouder iemand vertelde ooit dat hij voor de eerste communie
van de zuster in school een liedje had geleerd.
“In mijn hart daar brandt een vlammetje en dat heet Jezus!”
Hij zong het voor en boog zijn hoofd bij het woord “Jezus”,
net zoals hij het vele jaren geleden geleerd had.

Het liedje klonk een beetje kinderachtig,
echt iets uit een andere tijd.
Maar de tekst is nog niet zo gek.
“In mijn hart daar brandt een vlammetje en dat heet Jezus!”

Heel wat Godzoekers hebben precies dát ervaren.
Dat er iets brandde in hun binnenste.
Dat hun hart warm werd,
alsof ze diep  van binnen werden aangeraakt.
In de eerste lezing vertelde ook de profeet Jeremia daarvan.

Eerst lijkt het alsof Jeremia een klaagzang begint, hij jeremieert.
Mijn God, ik heb geluisterd naar uw roepstem,
tegen iedereen vertelt dat ze anders moeten leven,
dat kromme wegen recht moeten worden,
dat onrecht leidt tot onderdrukking
en dat recht leidt naar U toe.
Maar de mensen lachen me uit.
Ze bespotten en vernederen mij.
En dan denk ik: “Laat ik er maar mee stoppen, ik wil er niets meer van weten.”

Dat is de ervaring van Jeremia.
De mensen zaten niet op hem te wachten.
Hij legt de vinger op de zere plek.
Hij vertelt de mensen, dat zij weliswaar Gods volk zijn,
maar dat ze daar dan ook naar moeten leven.
Zelfs de koning wijst hij op zijn fouten.
Jeremia gaat tegen de stroom in
en dan wordt hij doodmoe.
De waarheid spreken is niet altijd gemakkelijk,
zeker niet wanneer om je heen de leugen regeert.

Daarom staat hij op het punt om te stoppen.
Maar dan blijkt dat de roeping van Jeremia écht van God komt.
Want hij kán niet stoppen.
Jeremia getuigt van een vuur dat in hem brandt,
dat niet te doven is.
Het is zijn rechtvaardigheid,
zijn oprechtheid,
zijn verlangen naar God.

Jeremia twijfelt en moppert,
maar hij gaat door, omdat zijn roeping van God komt.
En zo is dat bij heel wat mensen gegaan,
die geraakt en geroepen werden.
Ze werden op de proef gesteld,
maar het vuur in hun hart kon niet doven.

In het Evangelie was het Petrus,
die knikkende knieën krijgt
wanneer Jezus spreekt over zijn lijden.
Even wil Petrus een andere weg kiezen,
een gemakkelijke weg.
Maar ooit werd hij geroepen om als een mensenvisser
anderen redding en hoop te brengen
en dat zal uiteindelijk zijn levenstaak worden.

Heel wat Godzoekers hebben  ervaren wat de profeet Jeremia doormaakte.
Ze spreken over de nacht in hun leven,
over woestijn en dorheid.
Maar ook dat zij het niet konden opgeven,
vanwege dat vuur dat brandde in hun hart.

Dat is het verborgen verhaal van Moeder Teresa,
zoals het beschreven staat in brieven die na haar dood openbaar werden.
Moeder Teresa schrijft over haar roeping
om Christus te dienen in de armen.
Zij zag hoe anderen geraakt werden.
Duizenden zusters sloten zich aan,
vele mensen hielpen en gaven steun.
Moeder Teresa werd tijdens haar leven al geëerd als een heilige.
Ze ontving de nobelprijs
en ontmoette wereldleiders.

Maar in haar brieven schrijft ze ook over tijden van donkerte.
Wanneer het lijden van mensen om haar heen
te zwaar werd, te veel om te delen.
Wanneer ze vroeg waarom in Godsnaam zoveel mensen honger hebben,
waarom kinderen geen kans hebben
en de ellende maar geen einde vond.
Op die momenten had zij vragen aan God, aan de wereld,
aan de zinvolheid van het bestaan.

Het maakt Moeder Teresa niet kleiner,
eerder sterker.
Want ook zij ontdekte dat het vuur in haar hart niet kón doven.
Dat ze hoop moest blijven brengen in de hopeloosheid,
dat de zin van haar leven juist de trouw was,
waarmee ze zorgde voor mensen naar wie niemand anders omkeek.

Beste mensen,
wanneer je idealen hebt,
dan is het haast onvermijdelijk dat je teleurgesteld wordt.
Soms lijkt je werk op niets uit te lopen,
word je niet begrepen, niet aanvaard.

Koester dan in de nacht van je leven
het vuur dat blijft smeulen.
Vraag God om het aan te blazen,
om je idealen trouw te kunnen blijven.

Want we hebben profetische mensen nodig,
zoals Jeremia die de waarheid bleef spreken.

We hebben kerkmensen nodig zoals Petrus,
die hun roeping trouw blijven.

We hebben liefdevolle mensen nodig, zoals Moeder Teresa,
die hoop brengen in deze wereld.

We hebben u nodig,
om licht en geloof te brengen in je omgeving.
Blijf in Godsnaam luisteren naar je hart.
Zoals die oudere persoon ooit leerde zingen bij de Eerste Communie:
“Er brandt een vlammetje in mijn hart
en dat heet Jezus!”

Amen!

 

        
 
 
2017 Parochie Pey