Ieder weekend klinken er verhalen uit de Bijbel tijdens Vieringen in de kerk. Bij deze eeuwenoude verhalen worden door de voorgangers gedachten uitgesproken tijdens de verkondiging. U vindt hieronder bijbelverhalen en de verkondiging van Pastoor Bert Mom van:

 
Heilige Familie (A)
28 en 29 december 2013
 
 

Verkondiging (preek):

Een hulpverlener vertelde onlangs over zijn werk,
waardoor hij in aanraking komt met mensen
die in de problemen zitten.
De ene keer iemand die dakloos is geworden,
de andere keer een gezin dat diep in de schulden zit.
Al zijn cliënten spreekt hij consequent aan met “u”.
Wat is uw verhaal?
Wat is uw probleem?
Wat heeft u zelf geprobeerd om een oplossing te vinden?

De hulpverlener gebruikt heel bewust het woord “u”,
om de ander een stukje waardigheid te geven.
Want al is je leven een rommeltje geworden,
al heb je zorgen,
heb je nauwelijks perspectief.
Toch verdien je waardigheid.
Want ieder mens verdient waardigheid.

Ook degene die de wind tegen heeft,
die verloren loopt in deze wereld.
Ook degene die pech heeft gehad,
die onrecht werd aangedaan,
of die zelf dom is geweest.
Ieder van hen is een mens.
En ieder mens verdient waardigheid.
Daarom spreekt de hulpverlener mensen aan met “u”.
Hij kan hen niet allemaal helpen
en soms leest hij mensen de les
wanneer ze niet willen meewerken aan hun eigen toekomst.
Maar menswaardigheid verdient in zijn ogen iedereen die bij hem aanklopt.

Ook God schenkt mensen waardigheid.
Daarvan vertelt het verhaal van de geboorte van Jezus
en van heel zijn verdere leven.
God kijkt naar de kleine mensen in deze wereld,
naar de armen, de kleinen, de pechvogels,
de mensen aan de rand van de samenleving.
En Hij verleent hen waardigheid.
God wordt namelijk één van hen.
Eén van de armen,
één van de kinderen voor wie geen plaats is in deze wereld,
één van de gewone mensen
die verlangen naar  een levenskans.

Je hoeft maar een blik te werpen in de Kerststal, om dat te begrijpen.
God, die de Allerhoogste is,
wordt klein en kwetsbaar
als in een kind in een kribbe.
En zelfs wanneer God zich zó klein maakt,
zelfs dán is er nog geen plaats voor Hem in deze wereld!

Hij wordt een vluchteling …
één van de vele vluchtelingen die door alle tijden heen
hun geboortegrond moesten verlaten,
om hun leven te redden,
om een toekomst te vinden,
om in vrijheid te leven.

God verleent waardigheid aan de vluchtelingen,
door zelf één van hen te worden.
We hoorden het in het Evangelie.
Jozef, Maria en hun Kind vluchten weg,
vanuit het Heilige Land
naar het verre Egypte.
Om de tiran te ontvluchten, die het kind naar het leven staat.
Wanneer Jezus een volwassen man is geworden,
dan blijkt dat Hij nooit is vergeten
wat er in zijn kinderjaren is gebeurt.
Jezus geeft mensen voortdurend waardigheid.

Hij prijst de rechtvaardigen in zijn eigen volk,
maar heeft ook oog voor het gelovig vertrouwen
van de Romeinse Honderdman,
hij prijst de barmhartige Samaritaan,
hij leert van een Kananese vrouw.

Jezus geeft mensen waardigheid.
Hij geneest de zieke, omarmt de melaatse,
Hij troost de zondaar,
verwelkomt de vreemdeling.

Hij doet nog méér dan hen met “u” aan te spreken.
Hij noemt hen zijn broers en zussen, kinderen van God.
Dat is de waardigheid die Hij ons wil schenken,
als één van hen, als één van ons.

“Wil je Mij dienen”, zegt Jezus,
“geef dan de hongerige te eten, kleed de naakte,
bevrijd de onderdrukte, zorg voor de vreemdeling.
Want wat je voor hén doet, dat heb je ook voor Mij gedaan!”

Wanneer je de kans krijgt … en die kans komt op je levensweg,
geef dan waardigheid aan je naaste,
of die ander arm is of rijk,  sterk of zwak,
hier geboren of naar hier gevlucht.
Want God is ons zelf voorgegaan op die weg
en sindsdien is Hij voorgoed aan de onderkant van de wereld te vinden.

Amen!

 

        
 
 
2017 Parochie Pey