Ieder weekend klinken er verhalen uit de Bijbel tijdens Vieringen in de kerk. Bij deze eeuwenoude verhalen worden door de voorgangers gedachten uitgesproken tijdens de verkondiging. U vindt hieronder bijbelverhalen en de verkondiging van Pastoor Bert Mom van:

 
Inzegening Indië-monument Maria Hoop
29 mei 2009
 
 

Tijdens de politionele acties in Indonesië vertrokken negen jonge mannen uit Maria Hoop naar het Verre Oosten. Drie van hen zouden sneuvelen. Op vrijdagavond 29 mei 2009 werden in Maria Hoop deze drie militairen herdacht, maar ook werd er gebeden voor hen die wel terug keerden, voor de familieleden en alle anderen wier leven getekend werd door de strijd in Indië. Na het Evangelie en de preek werd er een eigen gedicht uitgesproken door een nabestaande.

Lezing uit het Evangelie volgens Lucas

Diezelfde dag gingen twee van de leerlingen op weg naar een dorp dat Emmaüs heet en zestig stadie van Jeruzalem verwijderd ligt.
Ze spraken met elkaar over alles wat er was voorgevallen.
Terwijl ze zo met elkaar in gesprek waren, kwam Jezus zelf naar hen toe en liep met hen mee, maar hun blik werd vertroebeld, zodat ze hem niet herkenden.
Hij vroeg hun: ‘Waar loopt u toch over te praten?’
Daarop bleven ze somber gestemd staan.
Een van hen, die Kleopas heette, antwoordde: ‘Bent u dan de enige vreemdeling in Jeruzalem die niet weet wat daar deze dagen gebeurd is?’
Jezus vroeg hun: ‘Wat dan?’
Ze antwoordden: ‘Wat er gebeurd is met Jezus uit Nazaret, een machtig profeet in woord en daad in de ogen van God en van het hele volk.
Onze hogepriesters en leiders hebben hem ter dood laten veroordelen en laten kruisigen.
Wij leefden in de hoop dat hij degene was die Israël zou bevrijden, maar inmiddels is het de derde dag sinds dit alles gebeurd is.
Bovendien hebben enkele vrouwen uit ons midden ons in verwarring gebracht.
Toen ze vanmorgen vroeg naar het graf gingen, vonden ze zijn lichaam daar niet en ze kwamen zeggen dat er engelen aan hen waren verschenen.
De engelen zeiden dat hij leeft.
Een paar van ons zijn toen ook naar het graf gegaan en troffen het aan zoals de vrouwen hadden gezegd, maar Jezus zagen ze niet.’
Toen zei hij tegen hen: ‘Hebt u dan zo weinig verstand en bent u zo traag van begrip dat u niet gelooft in alles wat de profeten gezegd hebben?
Moest de Messias al dat lijden niet ondergaan om zijn glorie binnen te gaan?’
Daarna verklaarde hij hun wat er in al de Schriften over hem geschreven stond, en hij begon bij Mozes en de Profeten.
Ze naderden het dorp waarheen ze op weg waren. Jezus deed alsof hij verder wilde reizen.
Maar ze drongen er sterk bij hem op aan om dat niet te doen en zeiden:
‘Blijf bij ons, want het is bijna avond en de dag loopt ten einde.’
Hij ging mee het dorp in en bleef bij hen.
Toen hij met hen aan tafel aanlag, nam hij het brood,
sprak het zegengebed uit, brak het en gaf het hun.
Nu werden hun ogen geopend en herkenden ze hem.
Maar hij werd onttrokken aan hun blik.
Daarop zeiden ze tegen elkaar:
‘Brandde ons hart niet toen hij onderweg met ons sprak en de Schriften voor ons ontsloot?’
Ze stonden op en gingen meteen terug naar Jeruzalem,
waar ze de elf en de anderen aantroffen, die tegen hen zeiden:
‘De Heer is werkelijk uit de dood opgewekt en hij is aan Simon verschenen!’
De twee leerlingen vertelden wat er onderweg gebeurd was en hoe hij zich aan hen kenbaar had gemaakt door het breken van het brood.

 

Verkondiging (preek) door pastoor Bert Mom

De schrijver James Jones schreef een boek over Amerikaanse mariniers
in de tweede wereldoorlog.
Hij gaf zijn boek een bijzondere titel …
 “The thin red line”
 “De dunne rode lijn”

Die titel geeft goed aan wat de oorlog met een mens kan doen.
Want er loopt maar een dunne scheidslijn:
tussen leven en dood,
tussen zin en waanzin,
tussen held en verliezer,
tussen goed en kwaad.

Mensen die in een oorlog terecht komen,
moeten zich als koorddansers voortbewegen
tussen de uitersten van het leven.
Zo overkwam het ook de jonge mensen die vanuit onze streek vertrokken
naar het verre oosten.
Ze waren opgegroeid in de beschutting van een Limburgs dorp,
waar alles vertrouwd was,
om uitgescheept te worden in Indië,
waar alles ánders was dan thuis.
Een ander land, een andere cultuur, andere temperaturen.

Zo kwamen zij terecht in een gewapend conflict.
Wat zal er door die Limburgse jongens heen zijn gegaan?
Verbazing waarschijnlijk, om een land dat zo anders was.
Om een bevolking die deels zo vriendelijk was
en deels een strijdvaardige tegenstander.

Heimwee zullen die jongens gevoeld hebben,
terwijl ze brieven schreven aan hun familie in Nederland.
Angst zullen ze ervaren hebben,
wanneer ze hoorden over gesneuvelde kameraden
en vervolgens zelf op patrouille moesten gaan.

In een oorlogssituatie wordt een mens een koorddanser
tussen leven en dood.
De een kwam terug uit Indië
en nam de draad gewoon weer op.
De ander kwam terug met een lidteken op zijn ziel
omdat hij meer had gezien dan een mens kan verwerken.
En weer een ander vond een rustplaats in de aarde van dat verre land.

Dat laatste overkwam Tony van Birgelen, Matthieu Aarts en Arthur Kurstjens,
drie jonge mannen uit ons dorp.
We gedenken hén vandaag.

Niet door grote woorden te spreken over heldhaftigheid of roem.
Maar door hun namen te noemen
en te beseffen dat hun jonge leven zo heel anders had kunnen lopen.
Wat hen overkwam, dat mag niet vergeten worden.
Want waar mensen een oorlog doodzwijgen,
daar kan een volgende generatie hetzelfde bittere lot treffen.

Daarom gedenken we Tony, Matthieu en Arthur die sneuvelden in Indonesië.
We denken aan hun ouders en familieleden,
die hen uitzwaaiden en nooit meer terug mochten ontvangen.
Dat is het ware gezicht van de oorlog.
Mensenlevens die voorgoed getekend worden
op de dunne scheidslijn tussen leven en dood.

Het is juist op die scheidslijn dat ook twee leerlingen van Jezus onderweg waren in het Evangelie.
Ze wankelen op de levenslijn.
Ze dragen de last met zich mee van gesneuvelde idealen.
Van verloren dromen.
Want in Jeruzalem was Jezus een gruwelijke dood gestorven.
Daarom vluchten de leerlingen weg uit die stad,
met het verdriet op hun hielen.

Maar Jezus haalt hen in.
Hij laat zien hoe je met pijn en verlies moet omgaan.
Jezus oordeelt niet.
Hij laat de leerlingen aan het woord.
Hun verhaal mag gehoord worden, hoe verward het ook klinkt.
Jezus wordt de reisgenoot van de gekwetste ziel.

Dit prachtige Evangelie laat zien hoe je een pijnlijk verleden kunt gedenken.
Niet door te oordelen.
Niet door te denken in categorieën van held of verliezer.
Het gaat erom dat verstaan wordt wat de strijd met mensenlevens heeft gedaan.
Het gaat erom dat we deelgenoten worden.
Mensen die pijn delen, maar ook de hoop en de vaste wil om een weg van vrede te zoeken.
Juist om wat die jongens toen overkwam.

Gedenken,
dat kan een stap zijn naar de verzoening,
waardoor een gebroken wereld geheeld kan worden.

Laten we daarom luisteren naar het gedicht “Verzoening”
dat Margareth Adema heeft geschreven …

 

Gedicht: “Verzoening” (door Margareth Adama)

Eén stem stijgt op in de Hemelpoort,
de stem van de verzoening, de stem dat na zoveel leed
elkander aangedaan, licht- en liefdeskracht
nu zal overwinnen.

Vanuit onze harten met de nog bloedige korsten
van het zinloos verlies, van de niet erkende heldendaden,
van de onzichtbare gewelddaden, rijst één stem op:

Verlos ons van het kwaad,
het is nog niet te laat,
iedere dag vloeit het zinloos geofferd bloed
voor het vermeende goed
of het onterechte gelijk
waarvoor altijd de zwakkere bezwijkt
uit onmacht, uit onwetendheid,
uit medeplichtigheid, uit moed
het is niet het waarom, dat er nog langer toe doet
maar het vermeend verlangen,
niet langer te tolereren dat men elkander in geweld iets aandoet.

Wat is daarvoor nodig?
een klein begin, een groots gebaar
houd van elkaar, in je verschillen
dat maakt al het verschil tussen oorlog en vrede
zomaar hier in Maria Hoop, waar de zielen vanuit de Hemelpoort toekijken
naar dit prachtige oord.

Er is maar één wens als je eenmaal Daarboven bent
dat de mens elkander vrede schenkt en verzoening
om Dat wat men innerlijk als waarheid weet:
dat God niemand vergeet en Zijn genade schenkt
ook al hebben wij als mens gefaald
door God zijn binnen gehaald
in hun naakte menselijkheid
de plicht, het licht, de trouw, het berouw.

Alles is nu één geheel, wij allen hebben deel
aan de oprechte verwerking van verdriet,
maar ook het verzoeningslied:

Leef nu voort zonder moord,
dan is ons leed niet vergeefs geweest
onze zielen stralen naar U uit
kijk en dans, vlecht een krans
van eenheid in onbreekbaar vertrouwen:

Ik Ben in Wezen onvernietigbaar!

 

        
 
 
2018 Parochie Pey