Ieder weekend klinken er verhalen uit de Bijbel tijdens Vieringen in de kerk. Bij deze eeuwenoude verhalen worden door de voorgangers gedachten uitgesproken tijdens de verkondiging. U vindt hieronder bijbelverhalen en de verkondiging van Pastoor Bert Mom van:

 
21ste zondag in het kerkelijke jaar (A)
20 en 21 augustus 2011
 
 

Eerste Lezing uit de profeet Jesaja:

Zo spreekt de Heer, de god van de machten:  ‘Ga binnen bij Shebna, die het paleis bestuurt, die daarboven een graf uithouwt, een rustplaats in de rots laat kappen.
Zeg hem: “Wŕt hebt u hier en wie hebt u hier, dat u hier een graf uithouwt?
Met kracht slingert de heer u weg, man. Stevig grijpt Hij u beet, windt u tot een kluwen, en als een bal werpt Hij u weg, naar een uitgestrekte vlakte.
Dáár zult u sterven, daar komen uw praalwagens terecht, schande van het huis van uw meester.
Ik verdrijf u uit uw ambt, Ik vaag u weg van uw plaats.
Op die dag ontbied Ik mijn dienaar Eljakim, de zoon van Chilkia.
Ik doe hem uw ambtsgewaad aan, Ik doe hem uw gordel om, Ik bekleed hem met uw macht.
Hij zal een vader zijn voor de bewoners van Jeruzalem en voor het huis van Juda.
De sleutel van Davids huis leg Ik op zijn schouders.
Wat hij opent, kan niemand sluiten; wat hij sluit, kan niemand openen
Ik zet hem vast, een pin in een stevig stuk muur.
Hij wordt een luisterrijke zetel voor het huis van zijn vader.”

Tweede Lezing uit het Evangelie volgens Mattheus:

Jezus kwam in de streek van Caesarea van Filippus en vroeg zijn leerlingen: ‘Wie is de Mensenzoon volgens de mensen?’ Ze zeiden: ‘Volgens sommigen Johannes de Doper, volgens anderen Elia, volgens weer anderen Jeremia of een van de profeten.’

Hij zei hun: ‘En jullie, wie ben Ik volgens jullie?’  Simon Petrus antwoordde hem: ‘U bent de Messias, de Zoon van de levende God.’  Jezus gaf hem ten antwoord: ‘Gelukkig ben jij, Simon Barjona; niet vlees en bloed hebben jou dat onthuld, maar mijn Vader in de hemel.  Ik zeg jou: jij bent Petrus; op die steenrots zal Ik mijn kerk bouwen, en de poorten van het dodenrijk zullen haar er niet onder krijgen. Ik zal je de sleutels geven van het koninkrijk der hemelen, en wat je op aarde bindt zal ook in de hemel gebonden zijn, en wat je op aarde ontbindt zal ook in de hemel ontbonden zijn.’ Toen verbood* Hij de leerlingen om iemand te zeggen dat Hij de Messias was.

Verkondiging (preek):

Wanneer iemand je een sleutel geeft, dan is dat een teken van vertrouwen.
Buren vertrouwen elkaar zo de zorg over hun huis toe tijdens de vakantie.
En een jongere krijgt het vertrouwen van ouders,
die hun zoon of dochter de autosleutels lenen voor een avondje stappen.

Ook in de  beide Bijbelverhalen van vandaag kwamen we mensen tegen,
die met een sleutel in hun handen staan.

In de eerste lezing was het Shebna, hofmaarschalk en overste van de Tempel.
Hij beheerde de sleutels van de Tempel.
Net zoals voor de inwoners van Jeruzalem,
had men ook voor God een Huis gebouwd.

De Tempel vertelde over het geloof in de lévende God,
die midden tussen mensen wil wonen.
Een God met een voordeur, bij wie je aan kunt kloppen
met al je noden, je vreugde en je vragen.

Het was de taak van Shebna, om de sleutel van de Tempel goed te gebruiken.
Om de deur open te houden tussen God en zijn volk.
Als het goed was, dan had hij zijn handen vol aan die taak.
Want de mensen hadden grote zorgen in die tijd.
Machtige vijanden bedreigden de stad Jeruzalem,
mensen waren bang voor wat er zou komen.
Je mocht dan ook van de overste van de Tempel verwachten,
dat hij een luisterend oor had of een bemoedigend woord.
Maar Shebna besteedde daar slechts weinig aandacht
Hij had het te druk met zijn eigen roem.
In plaats van bij de deur van Gods Huis te staan,
besteedde hij al zijn tijd aan het bouwen van een praalgraf voor zichzelf.
Zodat de mensen na zijn dood zouden zeggen:
         “Kijk, daar ligt Shebna,
          een van de belangrijkste mannen die ooit geleefd hebben!”

Maar dan komt de profeet Jesaja om de sleutel van Shebna terug te vragen.
God kan niet bouwen op mensen die zich opsluiten in hun eigen hoogmoed,
maar Hij zoekt naar mensen die deuren openen,
door hun geloof, hun trouw aan het volk, hun liefde voor de waarheid.

In de andere Lezing van vandaag hoorden wij hoe iemand juist
een sleutel krijgt aangeboden.
Petrus ontvangt symbolisch de sleutel van het Koninkrijk van Jezus.
Ook hij krijgt tot taak om de deur open te houden tussen God en mens.

Je kunt je afvragen waarom Petrus dat wel gegund wordt en Shebna niet.
Want ook Petrus zal fouten maken, zelfs meer dan eens.
Hij zal Jezus verloochenen tot drie keer toe
en af en toe weet hij echt niet meer hoe het verder moet.
Het ene moment is Petrus de rots om op te bouwen
en even later is hij een struikelblok.
Maar toch wordt hij een sleutelfiguur in het verhaal van Jezus.

Want één ding, dat weet Petrus wel.
Hij voelt aan dat er een lévende God is, die midden onder mensen wil wonen.
Een God bij Wie je kunt aankloppen met al je lief en leed.
Zo heeft hij Jezus ervaren,
die zijn deur openzette voor groot en klein, voor arm en rijk,
voor rotsvaste gelovigen en aarzelende zoekers.

Het is dát geloof waarop God kan bouwen.
Petrus, en ook wij, hoeven niet volmaakt te zijn.
Maar we moeten wel de deur openhouden tussen God en zijn mensen.

Zo ontvangt Petrus namens heel de kerk de sleutel van het Koninkrijk van Jezus.
Die sleutel past op ons hart!
Dat zullen we merken wanneer we zoeken naar God,
wanneer we stil worden om te bidden,
om te luisteren naar zijn roepstem, die klinkt in het verlangen om goed te doen.
De sleutel die Jezus ons toevertrouwt,
is de hartstocht waarmee we opkomen voor recht en eerlijkheid.
Het is de sleutel die past op het hart van anderen,
wanneer we tijd besteden aan een zieke,
iemand troosten die verdrietig is,
of geduld hebben met iemand die anders leeft en denkt dan wij.

De sleutel van het Koninkrijk van Jezus,
dat is gastvrijheid,
waardoor mensen zich thuis kunnen voelen in de kerk.
Het is de warmte die een parochie uitstraalt,
de ruimte om met je vragen thuis te komen in een gemeenschap.
Het is de eenvoud,
waardoor de een niet boven de ander staat.

Zo vertrouwde Jezus ooit de sleutel van zijn Koninkrijk toe aan Petrus.
Hij zegt tot hem en tot ieder van ons:

    Maak met jouw leven maar duidelijk
    dat God midden tussen mensen woont.
    Vertel met jouw goedheid over zijn Goedheid,
    met jouw nabijheid over zijn Nabijheid.
    Dan zul je zelf de sleutel worden
    die past op het hart van God
    en op het hart van vele mensen!

Amen!

Voorbede:

Pr. Heer, U legt de sleutel van uw koninkrijk in mensenhanden,
daarom bidden wij:

Le. Voor mensen die – zoals Shebna – bekleed zijn met gezag.
 Dat ze niet hoogmoedig worden, maar de eenvoud weten te bewaren. 
 Laat ons bidden …

Le. Voor mensen die – zoals de apostel Petrus –
 soms groot doen, maar klein zijn.
 Dat wij ons niet op elkaar verkijken
 en begrip hebben voor elkanders zwakheden.
 Laat ons bidden …

Le. Voor alle gelovigen die – zoals Petrus – vaak geloven en soms twijfelen.
 Dat Jezus kan bouwen op ons
 en wij op elkaar.
 Laat ons bidden …

Le. Voor de kerk, dat zij als Gods volk onderweg gaat. 
 Dat wij in de stormen van de tijd
 trouw blijven aan de Goede Boodschap van Jezus.
 Laat ons bidden …

Pr. Voor de intenties van deze Eucharistieviering …
 Laat ons bidden …

Pr. Hemelse Vader,
 op de rotsvaste overtuiging dat Christus de Verlosser is,
 hebt Gij uw kerk gebouwd.
 Help ons om die waarheid ook in ons eigen leven te ontdekken,
 zo bidden wij door diezelfde Christus, uw Zoon en onze Heer.
 Amen.

 

        
 
 
2017 Parochie Pey