Ieder weekend klinken er verhalen uit de Bijbel tijdens Vieringen in de kerk. Bij deze eeuwenoude verhalen worden door de voorgangers gedachten uitgesproken tijdens de verkondiging. U vindt hieronder bijbelverhalen en de verkondiging van Pastoor Bert Mom van:

 
30ste zondag door het jaar (B)
27 en 28 oktober 2012
 
 

Schriftlezingen:

Jeremia 31, 7-9

Marcus 10, 46-52

Verkondiging (preek):

Wanneer een toneelvoorstelling begint,
dan gaan de gordijnen open
en wordt de sfeer meteen bepaald door het decor.
Het maakt een groot verschil of je kijkt naar een huiskamer is, een paleis of een bos,

Zo zou je ook eens moeten kijken naar het decor
waarin het Evangelie van vandaag zich afspeelt.
Jezus komt in de stad Jericho
en daar is Hij het middelpunt van de belangstelling.
Zoals overal, zal Hij daar gesproken, bemoedigd en geholpen hebben.
En dan staat Hij klaar om verder te trekken.
Zo begon het Evangelie …
“Toen Hij uit Jericho wegging,
was Hij te midden van zijn leerlingen en heel wat mensen”.
De mensen zijn enthousiast over Jezus.

Maar wanneer je goed kijkt naar het decor,
dan is er iemand die een beetje verloren langs de kant zit.
Het is Bartimeüs … de blinde bedelaar.
Daarmee wordt nogal wat gezegd.
In de stad zit een man langs de weg die ernstig gehandicapt is.
Hij is blind.
En om niet te verhongeren moet hij bedelen.
Iedere dag opnieuw leeft hij tussen hoop en vrees.
In Jericho is er geen hulpverlening,
Bartimeüs moet zichzelf maar weten te redden
met de aalmoezen die hij krijgt.

En het wordt nog erger.
Wanneer Bartimeüs hoort dat Jezus in de stad is,
gaat er een vlammetje van hoop branden in zijn hart.
Zou Jezus hem niet kunnen helpen?
Zien kan Bartimeüs niet,
maar wel roepen.
Net zoals hij tegen de voorbijgangers heeft geroepen om een aalmoes,
roept hij nu naar Jezus.
Heb medelijden met mij.

Maar zijn stadsgenoten blazen het vlammetje van hoop bijna uit.
Houd je mond, zeggen ze, jij hoort niet bij de voorstelling.
Ze lopen langs Bartimeüs, zoals ze dat al jaren doen.
Hij hoort bij het decor van de stad, maar niet bij hun leven.

Alleen één is er, die stilstaat,
die luistert en kijkt.
Dat is Jezus.
Hij plaatst Bartimeüs in het midden van het verhaal.
Hij is niet langer decor, maar speelt samen met Jezus de hoofdrol.

Bartimeüs staat op.
Hij gooit zijn bedelmantel weg.
Uit dat gebaar spreekt hoop:
bij Jezus mag je opstaan en waardigheid vinden.
Bij Hem mag je verrijzen uit je eenzame ellende.
Je hoeft er niet eens om te bedelen.

Dan vraagt Jezus:
“Wat wil je dat Ik voor jou doe?”
Wat kan Ik voor jóu betekenen?
Jezus geeft een stem aan Bartimeüs.
Hij mag zeggen waarna hij verlangt, waarop hij hoopt.

En Bartimeüs wil maar één ding: dat hij kan zien.
Voordat zijn ogen opengaan,
opent zich zijn hart, want hij vertrouwt Jezus.
En dat vertrouwen is zijn redding.
Bartimeüs vindt het licht in zijn ogen, maar ook een weg naar de toekomst.
De lezing eindigde met de woorden:
“Meteen kon hij zien en hij volgde Jezus op zijn weg!”

In het decor van onze wereld zijn er veel mensen zoals Bartimeüs.
Ze worden niet gezien, niet geacht.
Hun vraag wordt overstemd door anderen
die zeggen wat ze moeten doen, voelen en denken.
Dat ervaren mensen met een handicap,
wanneer óver hen gesproken wordt, in plaats van mét hen.
Dat ervaren zoekers die hun draai niet vinden in een maatschappij
waarin zoveel draait om succes en geld.
Dat ervaren gelovigen die hun vragen niet kwijt kunnen,
omdat niet naar hen geluisterd wordt.

Jezus leert ons om op het toneel van deze wereld goed rond te kijken.
Om te zoeken naar mensen die aan de rand staan, aan de grond zitten,
over het hoofd gezien worden.
Want het verhaal van God begint telkens weer
waar wij elkaar ontdekken en vragen:
“Wat kan ik voor jou betekenen? Wie ben jij? Wat gaat er in jou om?”

Zoals een liedtekst het prachtig verwoordt:

Toen Jezus de blinde man genas,
zijn duister had verdreven,
en iemand die doofstom was
het spreken had gegeven,
toen riep Hij al die het zagen toe:
ga heen en doe zoals Ik doe,
dan zal de wereld leven!

Amen!

 

        
 
 
2017 Parochie Pey