Ieder weekend klinken er verhalen uit de Bijbel tijdens Vieringen in de kerk. Bij deze eeuwenoude verhalen worden door de voorgangers gedachten uitgesproken tijdens de verkondiging. U vindt hieronder bijbelverhalen en de verkondiging van Pastoor Bert Mom van:

 
Zesde zondag door het jaar (B)
11 en 12 februari 2012
 
 

Schriftlezingen:

Leviticus 13, 1-2. 45-46

Marcus 1, 40-45

Verkondiging (preek):

Tijdens de Koude Oorlog stonden oost en west tegenover elkaar.
Een zichtbaar teken was de muur die Berlijn in tweeën deelde:
stenen en prikkeldraad scheidden mensen van elkaar.
Winston Churchill sprak in die tijd van een ijzeren gordijn,
dat Europa in tweeën deelde.

Het lijkt wel alsof mensen steeds weer muren bouwen,
waar achter ze zich verschansen,
waardoor degene aan de andere kant
niet meer gezien wordt als een médemens.
Dat geldt voor zichtbare muren van steen en staal,
maar misschien nog meer voor onzichtbare muren.
Want die zijn vaak nog veel hoger
en gevaarlijker.

Wantrouwen kan zo’n muur zijn, waardoor je niets goeds
meer in een ander kan zien.
Of een vooroordeel, waardoor iemand geen kans krijgt.
Soms stapelen we het ene oordeel op het ander
en delen een familie of een gemeenschap in tweeën,
alsof de een beter is dan de ander.

Het zijn die muren die het meest pijn kunnen doen,
omdat ze de kans ontnemen
om  gemeenschap te vormen.
De man uit het Evangelie heeft dat aan den lijve ondervonden.
Hij lijdt aan een vreselijke ziekte, hij is melaats.
Zijn lichaam vergaat terwijl hij leeft.

En dat is niet het enige.
Want de mensen bouwen een muur om hem heen.
Ze noemen hem “onrein”.
Ooit had Mozes gezegd dat melaatsen hun ziekte kenbaar moesten maken,
om het besmettingsgevaar te verminderen.
Maar gaandeweg was men de muur hoger en hoger gaan maken.
Een melaatse hoorde niet meer bij de samenleving.
Hij hoorde zelfs niet meer bij het volk van God.
Hij was immers onrein, gestraft vanwege zonden,
niet waardig om God aan te roepen,
een verstotene aan de buitenkant van het leven.

En dan volgt er een bijzonder moment.
Jezus en de melaatse staan tegenover elkaar.
De heilige man ... en de onreine man.
De gezondene van God ... en de man die zich van God en iedereen verlaten voelt.
Tussen hen staat een muur die anderen hebben gebouwd.

Maar Jezus laat zich niet tegenhouden.
Net zoals de Muur in Berlijn begon te vallen,
omdat mensen begonnen met het weghakken van enkele stenen,
zo breekt Jezus door de muur van onbegrip en hardheid heen.
Hij ziet een méns,
met vragende ogen,
met een gewond hart.
En dan wordt hij bewogen.
Jezus steekt zijn hand uit en raakt de melaatse man aan.

De eerste steen valt uit de hoge muur
en vele zullen volgen.
Want de man hoort weer bij de levenden.
Hij wordt gezien.
Hij wordt geraakt, diep van binnen.
En hij geneest.

Wie de weg van Jezus wil gaan,
zal zijn voorbeeld moeten volgen.

Wanneer iemand je gekwetst heeft
en irritaties zich opstapelen,
dan leert Hij om je hand uit te steken,
als is dat nog zo moeilijk.
Want achter een muur van hardheid
kan liefde niet gedijen.

Wanneer je bang bent voor mensen
die je niet of nauwelijks kent,
alleen omdat ze anders zijn
van kleur, geloof of afkomst.
Dan kunnen vooroordelen het zicht ontnemen
op het hart van die vreemdeling
die eigenlijk je naaste is.

Het is goed om het Evangelie van vandaag met je mee te dragen.
Want onzichtbare muren zijn er zoveel, terwijl we ze soms niet zien.
Dan verklaren we een ander onrein,
niet de moeite waard om mee te werken,
om mee te leven,
om mee te geloven.

Dat gebeurt binnen de samenleving,
binnen de kerk,
en tussen mensen.

Maar de goede boodschap is,
dat één weggekapte steen een muur omver kan gooien,
dat één uitgestoken hand grenzen kan doorbreken,
dat één liefdevolle blik een mens kan genezen.
Laten we het in Godsnaam proberen.

Amen!

 

        
 
 
2017 Parochie Pey