Ieder weekend klinken er verhalen uit de Bijbel tijdens Vieringen in de kerk. Bij deze eeuwenoude verhalen worden door de voorgangers gedachten uitgesproken tijdens de verkondiging. U vindt hieronder bijbelverhalen en de verkondiging van Pastoor Bert Mom van:

 
Eerste zondag van de Advent (B)
27 november 2011
 
 

Schriftlezing:

Marcus 13, 33-37

Verkondiging (preek):

Soms hoor je jezelf zeggen:
“Kan dat niet een beetje sneller?”
“Laat nou toch eens gaan!”

Dat verzucht je wanneer een auto voor je erg langzaam rijdt,
wanneer de computer veel tijd nodig heeft om op te starten
of het bij de kassa in de supermarkt niet opschiet.
Dan moet je van goeden huize komen om je geduld niet te verliezen
en heb je snel gezegd:

“Laat nou toch eens gaan, kan dat echt niet wat sneller?”

Tijd die je moet wachten, wordt vaak ervaren als verloren tijd.
zodat de wachtkamer niet de meest geliefde plek is.
Wachten lijkt puur tijdverlies te zijn.

Maar dat is niet altijd zo.
Wanneer een moeder haar kindje verwacht, dan is dat geen tijdverlies.
Want het kind heeft tijd nodig om te groeien
en zich gezond te ontwikkelen.
En wanneer een vader avond aan avond na het werk knutselt aan de kinderkamer,
dan is dat zinvolle tijd.
Want zo wordt de komst van een baby voorbereid.

Wanneer wachten gevuld wordt met liefde, dan kan het een heerlijke tijd zijn!

En zo´n manier van verwachten is eigenlijk ook de Adventtijd.
Het is meer dan vier weken afwachten, tot het Kerstfeest begint.
Advent is zelf actief uitkijken.
Advent is niet afwachten, maar verwachten.
Het is een tijd van jezelf voorbereiden op de komst van Jezus
en Hem een plaats geven in je leven.
Jezus zelf reikt ons in het Evangelie een voorbeeld van Adventgeloof aan.

Hij vertelt over een belangrijke man die op reis gaat.
Voordat hij vertrekt,
geeft hij ieder een taak in huis,
om te zorgen dat alles goed verloopt, terwijl hij weg is.
Een van de dienaren krijgt de taak om de deur te bewaken,
niet alleen om het huis te beveiligen,
maar vooral om de deur te openen
wanneer de heer terugkomt.

De poortwachter moet vooral één ding doen
en dat is waakzaam zijn.
Hij moet zijn ogen open houden,
en zijn oor te luisteren leggen,
zodat zijn Heer niet voor een gesloten deur komt te staan.

Jezus nodigt ons uit, om in deze tijd van verwachting,
te lijken op die poortwachter.
De wereld om ons heen werd ons toevertrouwd door God.
We mogen ervan leven.
Maar we hebben ook een taak
om zijn wereld heel te houden.
Om de deur voor God te kunnen openen en te zeggen:
“Kijk eens hoe goed we voor uw wereld hebben gezorgd!”

Als je dat zo door je gedachten laat gaan,
dan besef je dat er nog veel werk te verrichten is.
Soms zou je je eerder schamen om God in onze wereld te ontvangen.
Op zoveel plaatsen wordt de schepping stuk gemaakt.
Worden mensen, dieren en al wat leeft misbruikt,
uitgeput voor winst en geld.

De Advent nodigt ons uit om de wereld tot een plaats te maken
waar Gods wereld gaaf is,
waar liefde de haat overstijgt
en eerbied mensen maakt tot wakers over elkaars geluk.

We hoeven en kunnen
dat niet voor heel de wereld regelen.
Daarom reikt Jezus ons het beeld aan van de poortwachter,
die in zijn eigen huis orde op zaken stelt,
die leeft naar de ontmoeting met God
en de deur voor Hem open houdt.

Het zal niet vandaag of morgen zijn,
dat onze wereld heel en gaaf wordt.
Maar tijdens de Advent hoort de goede luisteraar
hoe er ongeduld in Gods stem doorklinkt:

“Kan dat niet een beetje sneller? Laat toch eens gaan!”

Amen!

 

 

 

 

        
 
 
2017 Parochie Pey