Ieder weekend klinken er verhalen uit de Bijbel tijdens Vieringen in de kerk. Bij deze eeuwenoude verhalen worden door de voorgangers gedachten uitgesproken tijdens de verkondiging. U vindt hieronder bijbelverhalen en de verkondiging van Pastoor Bert Mom van:

 
Sacramentsdag
25 en 26 juni 2011
 
 

Als God komt in een wereld die honger heeft, dan verwondert het mij niet dat Hij brood wordt (Mahatma Gandhi)

Schriftlezingen:

Eerste Lezing: Deuteronomium 8, 2-3.14-16a

Evangelie: Johannes 6, 51-58

Verkondiging (preek):

Een van de grote persoonlijkheden van de recente geschiedenis
is ongetwijfeld Mahatma Gandhi.
Hij werd bekend vanwege het geweldloos verzet,
waardoor hij India onafhankelijk wist te maken.
Gandhi was van thuis uit Hindoe, zoals de meeste mensen in India.
Maar hij verdiepte zich op een bijzondere manier in de Bijbel.
Vooral de persoon en de woorden van Jezus raakten hem diep.
Van Jezus leerde hij de kracht van geweldloosheid.
Om de andere wang toe te keren en je vijanden lief te hebben.
Hoewel hij nooit christen is geworden, heeft Gandhi de boodschap van Jezus
beter begrepen dan menige Christen.

Ooit zei hij het volgende:
“Als God komt in een wereld die honger heeft,
dan verwondert het mij niet dat Hij brood wordt.”
Je kunt het niet mooier zeggen op deze Sacramentsdag.

“Als God komt in een wereld die honger heeft,
dan verwondert het mij niet dat Hij brood wordt.”
Want juist dát gedenken wij vandaag,.
God komt in een wereld die honger heeft.
Dat was zo in de tijd van Mozes, over wie we hoorden in de eerste lezing.
Ook in de tijd van Jezus.
En ook in onze tijd.

Velen in onze wereld voelen aan den lijve wat honger betekent.
Omdat ze geen voedsel hebben voor zichzelf
en voor hun kinderen.
Dat is de grote schande van onze wereld.
Dat er eigenlijk genoeg is voor iedereen,
maar dat het dagelijks brood zo onrechtvaardig verdeeld wordt.
Op de ene plek is niets en op de andere plek wordt het eten verspild.

“Als God komt in een wereld die honger heeft,
dan verwondert het mij niet dat Hij brood wordt.”

Want Jezus deed niet anders, dan delen.
Hij brak het brood met zijn vrienden,
maar ook met vreemden.
Toen ooit een hongerige menigte naar Jezus luisterde,
gaf Hij zijn volgelingen de opdracht: “Geven jullie hen maar te eten!”
En voel je je maar klein en onmachtig, begin dan toch maar.
Want zelfs het kleinste stukje brood kun je delen.

“Als God komt in een wereld die honger heeft,
dan verwondert het mij niet dat Hij brood wordt.”

Dat geldt ook voor die andere honger, waaraan veel mensen lijden.
De honger naar zin in het leven.
De honger naar liefde en aandacht.
De honger naar medeleven en nabijheid.
Jezus is gekomen om die honger te stillen, waaraan mensen lijden,
in verre landen en in onze eigen omgeving.
Ik ben het Levende Brood, zegt Jezus.
Wie zich met Mij voedt, zal leven vinden.

Wie zich voedt met de woorden van Jezus,
zal van binnen een ander, beter mens worden.
Hij leert ons om te geven en te vergeven.
Om te dragen en te verdragen.
Om naaste te worden en vrede - in en buiten jezelf - te brengen.

Wie zich voedt met het voorbeeld van Jezus,
weet dat Hij je nooit in de steek laat.
Hoe mooi of hoe teleurstellend je levensweg ook verloopt,
Hij blijft in je vertrouwen en van je houden.
Hij geeft je de broodnodige liefde.
Zo groot is die liefde, dat Hij zelf het Levende Brood is geworden.
“Want als God komt in een wereld die honger heeft,
dan verwondert het mij niet dat Hij brood wordt.”

Onophoudelijk komt Hij naar ons toe in het Heilig Brood, dat we delen in onze kerk.
In dat heilig Brood woont Hij, als voedsel voor ons hart.
Zo komt God naar ons toe, in deze kerk
en op alle plaatsen waar in zijn Naam het Brood gebroken wordt.
In prachtige kathedralen en onder de golfplaten van de sloppenwijken.

Graag wil ik afsluiten met een stukje voor te lezen uit het boek “Stad der vreugde”,
waarin dat prachtig wordt verwoord.
Een Franse priester woont in de sloppenwijk van Calcutta in India.
Op een dag viert hij met de christenen die daar wonen de Mis
en dan beschrijft hij dit als volgt …

Nooit zou ik vergeten wat ik zag, toen ik op de binnenplaats kwam.
Over een plank die op twee kistjes lag, hadden ze een lap katoen gespreid
en aan beide uiteinden een kaars neergezet.
Een kom en een blikken kroes  deden dienst als hostieschaaltje en kelk.
Een houten kruis en een bloemenkrans waren de aankleding
van het provisorische altaar.
Ik dacht aan het wonder dat zich hier ging voltrekken.
In deze verbijsterende omgeving, met rokende vuurtjes, vodden,
blote kinderen die elkaar achterna zaten in de straatgoten,
in dit kabaal van getoeter, gezang, geschreeuw en leven, zou de Schepper komen.
Een stukje deeg zou God worden … Hij die de oorsprong is van alle dingen.

Het is goed om daar, vandaag op Sacramentsdag bij stil te staan.
“Als God komt in een wereld die honger heeft, dan wordt Hij brood.”
Dan stilt Hij de honger van zijn mensen en zegt:
“Blijf dit voortaan voor elkaar doen, om Mij te gedenken” 

Amen!

Voorbede:

Pr. Heer, U bent het levende Brood, daarom bidden wij:

Le. Stil de honger naar liefde, die in ieder mens leeft.
 Kom in ons en verwarm ons hart,
 opdat wij elkaar nabij kunnen zijn in uw Naam.
 Laat ons bidden …

Le. Bedaar onze honger naar steeds meer.
 Dat wij leren delen met anderen
 zodat er genoeg zal zijn voor iedereen.
 Laat ons bidden …

Le. Voedt onze honger naar gerechtigheid,
 dat wij niet berusten in wat verkeerd gaat.
 maar zelf het goede zullen doen.
 Laat ons bidden …

Pr. Intenties (…)
 Laat ons bidden …

Pr. Zo bidden wij in de Naam van Jezus,
 die het Brood heeft gebroken
 en zelf Levend Voedsel is geworden
 voor tijd en eeuwigheid.
 Amen.

 

        
 
 
2017 Parochie Pey