Ieder weekend klinken er verhalen uit de Bijbel tijdens Vieringen in de kerk. Bij deze eeuwenoude verhalen worden door de voorgangers gedachten uitgesproken tijdens de verkondiging. U vindt hieronder bijbelverhalen en de verkondiging van Pastoor Bert Mom van:

 
Derde zondag door het jaar (A)
22 en 23 januari 2011
 
 

Welkom en inleiding:

Zoals onze ouders en voorouders het ons hebben geleerd,
zo willen wij hier gelovig samenzijn:
+ In de Naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest.
 Amen.

Van harte welkom in deze Viering,
waarin we horen over het begin van de kerk.
Jezus roept zijn eerste leerlingen,
om Hem te volgen
en nieuwe wegen te banen.

Kijk eens om je heen.
Wees eens stil en luister.
De wereld heeft jou nodig, grote mensen en kleine mensen roepen jou.
Ze hebben jouw glimlach nodig, om de dag wat zonniger te maken.
Ze hebben jouw oren nodig, om hun verhaal kwijt te kunnen.
Ze hebben jouw handen nodig, om samen te kunnen spelen.

Doe je ogen eens dicht.
Wees eens stil en luister, Jezus heeft jou nodig.
Hij klopt op je hart en roept jou.
Hij heeft jouw armen nodig, om mensen te kunnen troosten.
Hij heeft jouw mond nodig, om moed in te spreken.
Hij heeft jouw voeten nodig, om een weg van vrede te gaan.


Schriftlezingen:

Uit de eerste brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Korinte

In de naam van onze Heer Jezus Christus, broeders en zusters,
doe ik een beroep op u:  wees allen eensgezind,
laat er geen verdeeldheid onder u zijn;
wees volkomen één van zin en één van gevoelen.
Ik heb namelijk van Chloë's huisgenoten gehoord, broeders en zusters,
dat er onenigheid onder u heerst.
Ik bedoel dit: Ieder van u schijnt zijn eigen leus te hebben:
`Ik ben van Paulus.'  `Ik van Apollos.' `Ik van Kefas.'  `Ik van Christus.'
Is Christus dan in stukken verdeeld?
Is Paulus soms voor u gekruisigd? Of bent u gedoopt in de naam van Paulus?
God zij dank dat ik niemand van u gedoopt heb, behalve dan Crispus en Gajus.
Dus niemand kan zeggen dat u in mijn naam gedoopt bent.
O ja, ik heb ook nog het gezin van Stefanas gedoopt;
verder zou ik niet weten dat ik iemand gedoopt heb.
Want Christus heeft mij niet gezonden om te dopen,
maar om het evangelie te verkondigen; en dat niet met geleerde woorden,
want dan had het kruis van Christus zijn kracht verloren.

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs

Toen Jezus hoorde dat Johannes overgeleverd was, nam Hij de wijk naar Galilea.
Met voorbijgaan van Nazareth vestigde Hij zich in Kafarnaüm bij het meer,
in het gebied van Zebulon en Naftali,
opdat vervuld zou worden wat bij monde van de profeet Jesaja gezegd is:
Land van Zebulon en land van Naftali, aan de weg naar zee,
aan de overkant van de Jordaan, Galilea van de heidenen!
Het volk dat in duisternis zit heeft een groot licht gezien,
en over hen die in het land en in de schaduw van de dood zitten,
over hen is een licht opgegaan.
Vanaf toen begon Jezus te verkondigen.
Hij zei: `Bekeer u, want het koninkrijk der hemelen is ophanden.'
Toen Hij eens langs het meer van Galilea liep,
zag Hij twee broers - Simon, die Petrus genoemd wordt, en zijn broer Andreas - het net uitwerpen in het meer; want het waren vissers.
Hij sprak hen aan: `Kom achter Mij aan,
en Ik zal jullie tot vissers van mensen maken.'
Meteen lieten ze hun netten achter en volgden Hem.
Verderop zag Hij nog twee broers, Jakobus van Zebedeüs
en zijn broer Johannes; ze waren in de boot met hun vader Zebedeüs hun netten aan het klaren. Hij riep hen.
Meteen lieten ze de boot en hun vader achter en volgden Hem.
Hij trok rond in heel Galilea, terwijl Hij in hun synagogen onderricht gaf,
de goede boodschap verkondigde van het koninkrijk,
en elke ziekte en elke kwaal onder het volk genas.


Verkondiging (preek):

Anderhalve week geleden stond ineens een man met een grote rugzak voor de deur.
Het was een vijftiger die zich voorstelde als pelgrim.
Hij haalde een boekje vol stempels te voorschijn,
als bewijs van de pelgrimstocht die hij achter de rug had:
van Nijmegen naar Rome
en nu vanuit Rome op weg naar huis.
De man vroeg om een stempel en een boterham.
Nadat ik koffie had gezet en brood gesmeerd, vertelde hij zijn verhaal.
Als zakenman heeft hij een leidinggevende functie in een groot bedrijf.
Maar op een dag was hij doodmoe door de prestatiedruk.
Zo zei hij:

“De een probeert hogerop te komen, ten koste van de ander
en hoewel je met zo velen in hetzelfde gebouw werkt, kun je erg alleen zijn!”

Op zoek naar zichzelf en naar de zin van zijn leven,
was hij begonnen aan zijn pelgrimstocht.
Tijdens die lange voetreis was er iets gebeurd.
Het werd niet alleen een reis naar de eeuwige stad,
het werd vooral een reis naar zijn hart.
Want, zo vertelde hij: onderweg vond hij weer vertrouwen in de medemens.
De gastvrijheid heeft hem diep geraakt.
De gedekte tafel van een Italiaanse boerin.
De gastenkamer in een abdij.
Het fruit dat iemand hem onderweg aanreikte.
En vooral de ontmoetingen,
zonder verborgen agenda, maar gewoon heel hartelijk en alledaags.
De pelgrim zei: “Ik heb weer vertrouwen gekregen in mijn naaste!”

Het is oerchristelijk om op pelgrimstocht te gaan
en gaandeweg je leven en je geloof te verdiepen.
Het begon allemaal lang geleden,
toen Jezus onderweg was naar zijn bestemming in Jeruzalem.
We hoorden het zojuist in het Evangelie.
Bij het Meer van Galilea ontmoet Jezus enkele vissers
en Hij nodigt hen uit om reisgenoten te worden.
“Kom met Mij mee”, zegt Hij.
Het zal je goed doen.
Je zult nieuwe mensen worden.
Ik zal je leren om niet alleen vissen te vangen,
maar ook mensen op te vissen
uit hun zorgen en verdriet.

En sindsdien zijn er mensen op weg gegaan in Jezus’ Naam.
Met vallen en opstaan hebben zij geluisterd naar Jezus
en geprobeerd om Hem na te volgen.
Dat was niet altijd even gemakkelijk.
In de Eerste Lezing vertelde Paulus over de eerste Christenen,
die al struikelden over elkaar.
Omdat de een zich een beter gelovige vond dan de ander.
Maar Paulus zet de mensen van Korinte weer op het juiste spoor.
Hij maakt ze opnieuw tot reisgenoten naar Gods toekomst.
Want alleen wanneer je met elkaar op weg gaat,
kan vertrouwen groeien
en kun je doen wat Christenen moeten doen:
namelijk mensen opvissen
en hun leven mooier, beter en zinvoller maken.

Wanneer we in onze  tijd een gelovige gemeenschap willen zijn,
dan gaat het ten diepste om die weg te gaan.
De weg naar God,
de weg naar onze naaste.

Onze voorouders hebben elkaar gevonden
in het verlangen
om gelovig in het leven te staan.
Ze hebben dat gevierd in de kerk.
Maar ook op heel wat andere plaatsen,
in huizen,
in burenhulp,
in verenigingsleven.

En net zoals die mensen in Korinte deden ze dat met vallen en opstaan.
Soms heel hecht verbonden,
soms langs elkaar door.
Maar ze hebben elkaar vastgehouden, door de tijd heen.

Vrijdag bezocht ik een ouder echtpaar en zij zeiden:
“Vroeger was niemand rijk in ons dorp
en hadden de mensen elkaar nodig om te overleven.
Vandaag staan onze huizen vol bezit,
en denken we dat we het alleen redden ...
maar we hebben elkaar minstens zo hard nodig!”

Jezus wist dat al lang geleden.
Hij riep mensen bij hun naam
en maakte ze tot tochtgenoten.
Want in iedere tijd zul je ontdekken dat een mens
maar half is zonder een naaste.

De Lezingen van deze dag zijn een uitnodiging om gemeenschap te vormen.
Om te zorgen dat niemand in je omgeving eenzaam is.
Om samen te leven en samen te geloven.
Om verder te kijken dan je eigen erf.
Want de komende jaren zal ons gevraagd worden om pelgrim te worden naar de toekomst.

Als parochie zullen we op weg gaan binnen ons dorp,
maar ook richting de andere parochies in ons cluster.
Want alleen wanneer we met elkaar op weg gaan,
kan vertrouwen groeien
en kunnen wij doen wat Christenen moeten doen:
namelijk mensen opvissen
en hun leven mooier, beter en zinvoller maken.

En daarvoor hebben we elkaar nodig.
Op de boeiende pelgrimstocht
die mensen maakt tot reisgenoten.
Met in onze bagage de Boodschap van Jezus.
Met in ons geheugen het voorbeeld van ouders en voorouders.
En met in ons hart het verlangen om al dat goede te delen met anderen.

De weg ligt open.
Hoe zal het zijn?
Waar brengt deze stap je heen?
Wie wijst de weg
als je dwaalt in de woestijn?
Ga die weg, maar niet alleen.

Durf samen te gaan
naar het land van belofte.
Voetstappen gingen je voor.
Durf het maar aan,
met geloof, hoop en liefde
trekken ook wij
een verrassend nieuw spoor.

Amen!


Voorbede:

Pr. Geroepen door Jezus, zijn wij op weg naar het Koninkrijk van God.
 En onderweg bidden wij:

Le. Voor hen die nuchter en vastberaden
 afwegen of het goede kan worden gerealiseerd,
 overwegend hoe het kwaad kan worden geweerd.
 Dat wij hun bedachtzaamheid
 een plaats geven in ons samen-leven en samen-geloven.
 Laat ons bidden …

Le. Voor hen die bezield en bevlogen
 verder durven kijken dan de feiten,
 en met een droom voor ogen uitzien naar de toekomst.
 Dat wij hun enthousiasme
 een plaats geven in ons samen-leven en samen-geloven.
 Laat ons bidden …

Le. Voor ons die hier samen zijn:
 de één met de gave van het hoofd,
 een ander met de gave van het hart,
 en weer een ander met de gave van helpende handen.
 Dat wij juist in die verscheidenheid
 reisgenoten worden naar een nieuwe wereld.
 Laat ons bidden …

Pr. Intenties (…)  
 Laat ons bidden …

Pr. Heer, blijf ons roepen,
 net zo lang totdat wij uw stem verstaan
 en op weg gaan, met U en met elkaar,
 door tijd en eeuwigheid.
 Amen.


Zegen (een pelgrimsgebed):

Ik bid dat de weg zich opent
om jou naar je bestemming te brengen.
Ik bid dat licht op je pad zult hebben
en reisgenoten aan je zijde.
En tot we elkaar weer zien,
vraag ik of God je vast wil houden,
zodat je veilig bent
in zijn beschermende handen.

Wees gezegend:
+ In de Naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest.
 Amen.

 

 

        
 
 
2017 Parochie Pey